De werkgeversbijdrage voor de financiering van het Asbestfonds

Tot financiering van schadeloosstellingen die toegekend worden aan de slachtoffers van asbestblootstelling en aan hun nabestaanden zijn de provinciale en plaatselijke besturen in het eerste en het tweede kwartaal van ieder jaar een werkgeversbijdrage van 0,01% op het loon van hun personeelsleden verschuldigd. De werkgeversbijdrage voor het Asbestfonds is niet verschuldigd in het derde en het vierde kwartaal. 

De werkgeversbijdrage wordt toegewezen aan het Asbestfonds dat ingesteld is bij FEDRIS.

De bijdrage is verschuldigd voor alle (contractuele en vastbenoemde) personeelsleden die onderworpen zijn aan socialezekerheidsbijdragen, en voor de studenten die enkel onderworpen zijn aan de solidariteitsbijdrage.

De werkgeversbijdrage voor het Astbestfonds is niet verschuldigd voor:

  • de geneesheren die volledig vrijgesteld zijn van socialezekerheidsbijdragen op basis van artikel 1, § 3 van de wet van 27-6-1969;
  • de vrijwillige brandweerlieden;
  • de monitoren.

De bijdrage is ook verschuldigd voor de personen waarvoor het lokaal of provinciaal bestuur als fictieve werkgever optreedt, namelijk:

  • de bedienaars van de eredienst;
  • de kunstenaars die van het sociaal statuut genieten;
  • de onthaalouders die van het sociaal statuut genieten;
  • de niet-beschermde lokale mandatarissen die van het sociaal statuut genieten.