De werkgeversbijdrage voor werkloosheid

Een werkgeversbijdrage van 1,69% (1,60% + 0,09% loonmatiging), berekend op het loon van de werknemer, is door iedere werkgever verschuldigd voor de werknemers die genieten van de vakantieregeling privésector. De opbrengst van deze bijdrage is bestemd voor het Globaal Beheer.

De bijdrage is verschuldigd voor elke werkgever die gedurende de referteperiode gemiddeld ten minste 10 werknemers in dienst had.

De referteperiode is de periode, gedekt door het vierde kwartaal van het (kalen-derjaar – 2) en het eerste tot en met het derde kwartaal van het (kalenderjaar – 1).
Het gemiddeld aantal werknemers is de som van het aantal werknemers op het einde van elk kwartaal van de referteperiode, gedeeld door het aantal kwartalen van de referteperiode waarvoor een DmfAPPL ingediend werd.

Bij de bepaling van het aantal werknemers op het einde van het kwartaal wordt uitgegaan van de werknemers die bij de werkgever werkten in uitvoering van een arbeidsovereenkomst, de leerlingen en de vastbenoemde personeelsleden. Meegerekend worden ook diegenen van wie de tewerkstelling is geschorst wegens ziekte of ongeval, zwangerschaps- of bevallingsrust, gedeeltelijke of tijdelijke werkloosheid en wederoproeping onder de wapens, met uitzondering evenwel van de werknemers in volledige loopbaanonderbreking.

Indien tijdens de referteperiode gedurende één of meerdere kwartalen de betrokken werkgever nog niet actief was en dus geen aangifte ingediend werd, gebeurt de berekening van het gemiddelde uitsluitend op basis van de kwartalen waarvoor wel een aangifte werd ingediend. Indien de werkgever voor geen van de kwartalen tijdens de referteperiode een aangifte heeft overgemaakt, gebeurt de bepaling van het gemiddelde aan de hand van het aantal werknemers tewerkgesteld op het einde van het kwartaal waarbinnen de eerste tewerkstelling plaatsvond na de referteperiode.