Het portaal van de sociale zekerheid gebruikt cookies om de site gebruiksvriendelijker te maken.

Meer weten × Doorgaan

Naar de inhoud van deze pagina

Dimona voor flexi-jobwerknemer

Dimona 'FLX'

Een flexi-jobwerknemer moet gemeld worden met het type ‘FLX'. Bij de Dimona-aangifte 'FLX' wordt de loopbaandatabank in (T - 3) geconsulteerd om vast te stellen of er voldaan is aan de minimale prestatievereiste om een flexi-job te mogen uitvoeren. In het kader van de bijkomende prestatievoorwaarden vanaf 1 januari 2024, worden controles uitgevoerd op arbeidsvolumeverminderingen gedurende de daaraan voorafgaande kwartalen. 

Een tijdige (= vóór de aanvang van de prestaties) en correcte Dimona-aangifte 'FLX' die de respons 'OK' gekregen heeft, is een absolute voorwaarde om iemand in de Dmfa als flexi-jobwerknemer te kunnen aangeven.

Omdat elk kwartaal opnieuw nagegaan moet worden of aan de minimale prestatiecriteria en aan de bijkomende prestatievoorwaarden voldaan is, moet de Dimona-aangifte (IN én OUT) steeds per kwartaal gebeuren. Dit geldt ook als de flexi-arbeidsovereenkomst over het kwartaal heen loopt. De Dimona OUT kan ook nooit via een wijziging 'verlaat' worden, dit in tegenstelling met een Dimona OUT voor een gewone tewerkstelling.

 

Mondelinge flexi-overeenkomst

Als de flexi-arbeidsovereenkomst mondeling is, moet er zoals bij de gelegenheidswerknemers per dag een Dimona gebeuren met vermelding van het begin- en einduur. Dit houdt in dat de datum IN en datum OUT identiek zijn. Als de prestaties gespreid zijn over twee kalenderdagen, is het mogelijk dat de begin- en einddatum verschillen als gevolg van het doorlopen van prestaties na middernacht. In dat geval moeten de 'feitelijke' data en uren meegedeeld worden. Het principe van de eenheid van prestatie dat toepasselijk is voor een Dimona OUT bij een klassieke dimona geldt, net zoals bij een Dimona voor gelegenheidswerknemers dus niet voor het specifieke systeem van Dimona voor flexi-jobwerknemers.

Het principe van de eenheid van prestatie in de beoordeling OK / NOK is wel toepasselijk. Als een tewerkstelling aanvat op de laatste dag van het kwartaal en tot na middernacht verderloopt, zal de Dimona OK / NOK ook gelden voor de uren na middernacht.

Voorbeeld:

Een flexi-jobwerknemer in de horeca begint te werken op 11 april om 22:00 uur en eindigt zijn dienst op 12 april om 02:00 uur. De werkgever moet de feitelijke gegevens meedelen: datum en uur in dienst: 11 april om 22:00 uur datum en uur uit dienst: 12 april om 02:00 uur. In de notificatie en het personeelsbestand zijn het deze reële gegevens die opgenomen zijn. Indien de werkgever echter een opzoeking naar actieve werknemers uitvoert, moet hij dit doen op basis van de begindatum (11 april in het voorbeeld). Een opzoeking op basis van de einddatum (12 april in het voorbeeld) geeft geen resultaten.

Wijziging van het beginuur:

Als de werknemer zijn prestaties vroeger of later aanvangt dan op het oorspronkelijk meegedeelde beginuur, dan moet het beginuur gewijzigd zijn uiterlijk op het moment dat de werknemer zijn prestaties aanvangt.

Wijziging van het einduur:

Wanneer de werknemer zijn prestaties vroeger stopzet dan oorspronkelijk gemeld was, heeft de werkgever tijd tot middernacht volgend op het oorspronkelijk voorziene einduur om het werkelijke einduur van de prestatie door te geven. Wanneer de werknemer zijn prestaties op een later moment stopzet dan oorspronkelijk gemeld was, beschikt de werkgever over een termijn van 8 uren, volgend op het oorspronkelijk voorziene einduur, om het correcte (latere) einduur te melden. Indien het oorspronkelijke einduur tussen 20:00 uur en 24:00 uur was voorzien, heeft de werkgever echter tot 8u ’s morgens de tijd om het correcte einduur door te geven.

 

De Dimona-aangifte voor flexi-jobs kan ten vroegste één maand voor het kwartaalbegin gebeuren. Voor een flexi-job die aanvangt op 1 april, kan de aangifte pas gebeuren vanaf 1 maart. De reden hiervoor is dat op het moment dat de aangifte wordt gedaan, een opzoeking gebeurt naar het volume aan prestaties waarmee de werknemer in het kwartaal (T - 3), is aangegeven. Aangezien deze consultatie van de gegevens in het netwerk van de sociale zekerheid moet gebeuren op een moment dat ze voldoende stabiel zijn, kan dat signaal pas gegeven worden ten vroegste één maand voor het kwartaalbegin:

  • Indien de 80% wordt bereikt en de werknemer aan de bijkomende prestatievoorwaarden voldoet, zal als respons op de Dimona-aangifte een 'OK' worden meegedeeld. Alleen als dat het geval is kan de werknemer als flexi-jobwerknemer worden tewerkgesteld.
  • Indien de werkgever elementen heeft waaruit blijkt dat de confrontatie van de gegevens ten onrechte een Dimona 'NOK' tot gevolg had, is het aan te raden de Dimona-aangifte niet onmiddellijk te annuleren, maar contact op te nemen met de RSZ.

Gepensioneerden

Vanaf 1 januari 2018 wordt het systeem van de flexi-arbeid uitgebreid naar wettelijk gepensioneerden zonder tewerkstellingvoorwaarden (T - 3). Personen die een 'overgangsuitkering' genieten worden niet beschouwd als 'gepensioneerd'. Vanaf eind september 2025 valt de leeftijdscontrole weg en is de procedure als volgt:

  • in eerste instantie wordt nagegaan of de flexi-jobber in (T - 2) in het pensioenkadaster opgenomen is
  • indien dit niet zo is, wordt nagegaan of hij in (T - 3) minstens 80 % prestaties had en of er geen verlaging van het arbeidsvolume heeft plaatsgehad
  • voor specifieke situaties (gezinspensioen, buitenlandse pensioenen, ...) kan de RSZ gecontacteerd worden op het nummer 02 509 59 59 (contact@rsz.fgov.be).

De 'OK' die meegegeven wordt na een Dimona-aangifte zegt alleen dat de voorwaarde in (T - 3) vervuld is en er geen verlaging in het arbeidsvolume werd vastgesteld of dat het een persoon betreft die in (T - 2) in het pensioenkadaster is opgenomen en dus een wettelijk pensioen geniet, maar zegt niets over de voorwaarden in T. De beoordeling of aan de voorwaarden in T voldaan is, valt volledig onder de verantwoordelijkheid van de werkgever.