Bijdrage pensioen statutaire ambtenaren

Betrokken werkgevers

Alle werkgevers die statutaire ambtenaren tewerkstellen en die bijdragen betalen bestemd voor de financiering van een overheidspensioen.

Betrokken werknemers

Alle statutaire ambtenaren met uitzondering van de bedienaars van de rooms-katholieke eredienst.

De ambtenaren die hun administratieve standplaats in het buitenland hebben (bv. diplomaten, bepaalde militairen,...), zijn aan de RSZ de bijdrage pensioen voor statutaire ambtenaren verschuldigd, ook al moeten er voor hen geen gewone sociale zekerheidsbijdragen betaald worden.

Berekeningsbasis

Het loonbegrip voor de berekening van de pensioenbijdragen van statutaire ambtenaren wordt bepaald door artikel 8 van de algemene wet van 21 juli 1844 op de burgerlijke en kerkelijke pensioenen dat de referentiewedde voor de berekening van het overheidspensioen vastlegt.

De referentiewedde voor de berekening van het overheidspensioen bestaat uit de baremieke wedde en de weddesupplementen die kunnen beschouwd worden als inherent aan de uitoefening van de functie.

De (geïndexeerde) referentiewedde op basis waarvan de pensioenbijdrage berekend wordt, verschilt van het loonbegrip waarop de socialezekerheidsbijdragen berekend worden. Meestal is de berekeningsbasis voor de pensioenbijdrage wat lager dan voor de gewone bijdragen omdat een aantal voordelen (bv. eindejaarspremie) niet in aanmerking genomen worden voor de berekening van de referentiewedde.

De voordelen in natura worden niet in aanmerking genomen voor de referentiewedde, met uitzondering van het voordeel van gratis huisvesting, verwarming, verlichting... van een vastbenoemde conciërge dat in bepaalde gevallen onderworpen wordt aan de pensioenbijdrage statutaire ambtenaren. 

Weddesupplementen   

Alleen de weddesupplementen die vermeld worden in artikel 8, § 2, van de wet van 21 juli 1844, worden door de FPD in aanmerking genomen voor de berekening van het overheidspensioen, en maken deel uit van de berekeningsbasis voor het innen van de bijdrage pensioen statutaire ambtenaren. 

De verhogingen van de weddesupplementen die na 31 december 1998 werden toegekend, worden niet in aanmerking genomen voor de vaststelling van de referentiewedde.

De weddesupplementen worden in aanmerking genomen voor de perioden gedurende dewelke zij werkelijk werden toegekend en ten beloop van het bedrag of de bedragen die gedurende die perioden toegekend werden.

Afwezigheden

Het loon van een statutaire ambtenaar voor de bezoldigde afwezigheden die gelijkgesteld zijn met 'dienstactiviteit', wordt in aanmerking genomen voor de berekening van het overheidspensioen en is onderworpen aan pensioenbijdragen. Een afwezigheid in de stand van 'non activiteit' wordt niet in aanmerking genomen voor de berekening van het overheidspensioen. Als het bestuur tijdens deze afwezigheid een bezoldiging uitbetaalt, zijn geen pensioenbijdragen verschuldigd.   

Bedrag van de bijdrage

Het gaat om volgende bijdragen:

  • de 7,5% persoonlijke bijdrage statutaire ambtenaren
  • de 1,5% persoonlijke bijdrage managers
  • de patronale bijdrage statutaire ambtenaren
  • de patronale bijdrage managers
  • de patronale bijdrage responsabilisering provinciale en plaatselijke besturen.

Voor de provinciale en plaatselijke besturen die aangesloten zijn bij het Gesolidariseerde Pensioenfonds van de provinciale en plaatselijke besturen, is de RSZ enkel bevoegd voor het innen van de bijdrage pensioenen statutaire ambtenaren. Informatie over het percentage van de basispensioenbijdrage en de eventueel verschuldigde responsabiliseringsbijdrage kan verkregen worden bij de FPD.

Voor de werkgevers die tot 31 december 2014 voor de statutairen hun pensioenbijdragen rechtstreeks betaalden aan de FPD, moeten de bijkomende betalingen die betrekking hebben op deze periode, rechtstreeks betaald worden aan de FPD. Rechtzettingen van teveel betaalde bijdragen voor die periode moeten ook rechtstreeks met FPD geregeld worden.

Te vervullen formaliteiten

De basisregel is dat deze bijdragen betaald moeten worden uiterlijk de 5e dag van de maand die volgt op de maand waarop ze betrekking hebben. De betaling van deze bijdragen is mee opgenomen in de voorschotfacturen. 

Wie meer uitleg wenst over de manier van storten van deze bijdragen kan terecht bij de RSZ via mail ilse.selderslaghs@rsz.fgov.be of telefoon 02 509 36 18.

Bijkomende informatie DmfA - Pensioenbijdrage voor de statutaire ambtenaren

In DMFA wordt de bijdrage voor het pensioen van de statutaire ambtenaren aangegeven per werknemerslijn in het blok 90001 "Bijdrage verschuldigd voor de werknemerslijn"
- voor de statutairen aangegeven met kengetal 675 of 676 (statutairen met standplaats in het buitenland) : onder werknemerskengetal 815

  • met type 0 voor de persoonlijke bijdrage van 7,5% alleen
        (voor kengetal 676 is het altijd type 0)
  • met type 1 voor de persoonlijke bijdrage en de gewone werkgeversbijdrage
  • met type 2,4,5,6 voor de persoonlijke bijdrage en de afwijkende werkgeversbijdrage
  • met type 3 of 7 voor de afwijkende werkgeversbijdrage alleen als de berekeningsbasis verschillend is van deze van de persoonlijke bijdrage (in combinatie met het type 0)

- voor gewestelijk ontvangers aangegeven met kengetal CT 675 in de categorie 050 : onder werknemerskengetal 818

  • met type 0 voor de persoonlijke bijdrage en de werkgeversbijdrage

- voor de managers van de openbare sector aangegeven met kengetal 673: onder werknemerskengetal 816

  • met type 0 voor de persoonlijke bijdrage van 1,5% alleen
  • met type 1 voor de persoonlijke bijdrage en de gewone werkgeversbijdrage

Voor elke betrokken werkgever wordt het toepasbare type bijdrage door FPD meegedeeld  aan de RSZ.

De berekeningsbasis moet vermeld worden. Deze berekeningsbasis kan licht afwijken van de berekeningsbasis van de gewone bijdragen.

Als de aangifte wordt ingediend via de webtoepassing moet de berekeningsbasis vermeld worden bij de verschuldigde bijdragen voor een betrokken persoon.

Vanaf 1/2017 moet, indien de berekening van de bijdrage gebeurt op een afwijkende berekeningsbasis, de zone 01176 "Bijdrage overheidspensioen voor statutaire werknemers - afwijkende berekeningsbasis" in blok 90313 "Tewerkstelling - Inlichtingen" ingevuld worden met waarde "1".


Bijkomende informatie DmfAPPL - Pensioenbijdrage voor de statutaire ambtenaren

De (basis)pensioenbijdragen

De werkgever moet in DmfAPPL de berekeningsbasis van de pensioenbijdragen niet zelf vermelden in het blok 90001 'bijdrage verschuldigd voor de werknemerslijn'.

De RSZ berekent het bedrag van de 'bijdrage pensioen voor statutaire ambtenaren' automatisch op basis van de aangegeven werkgeverscategorie, werknemerskengetal(len) statutairen openbare sector en looncode(s) in de daartoe bestemde zone van DmfAPPL.

In de zone 82 van het blok 90001 wordt op basis van de aangegeven werkgeverscategorie en het werknemerskengetal van het statutaire personeelslid automatisch één van de volgende werknemerskengetal bijdragen gegenereerd:

  • 301: basispensioenbijdragen - gesolidariseerde pensioenfonds - ex-pool één
  • 302: basispensioenbijdragen - gesolidariseerde pensioenfonds - ex-pool twee
  • 303: basispensioenbijdragen - gesolidariseerde pensioenfonds - lokale politie
  • 304: basispensioenbijdragen - gesolidariseerde pensioenfonds - ex-pool twee bis
  • 306: basispensioenbijdragen - gesolidariseerde pensioenfonds - specifieke bijdragevoet
  • 307: pensioenbijdragen - pool der parastatalen
  • 308: pensioenbijdragen - pensioen ten laste van de Schatkist.

De patronale pensioenbijdragevoet voor de statutairen van de bij de pool der parastatalen aangesloten besturen is gelijk aan 43% voor het jaar 2019.

De responsabiliseringsbijdrage van het gesolidariseerde pensioenfonds

De FPD berekent de responsabiliseringsbijdrage voor de bij het gesolidariseerde pensioenfonds aangesloten provinciale en plaatselijke besturen waarvan de pensioenlast van de vroegere statutairen hoger is dan de wettelijke basispensioenbijdragen van de in dienst zijnde statutairen. De RSZ is enkel verantwoordelijk voor het innen van de responsabiliseringsbijdrage.

De responsabiliseringsbijdrage moet aan de RSZ betaald worden onder de vorm van maandelijkse termijnen. 

Het bedrag van de responsabiliseringsbijdrage voor het jaar X wordt door de RSZ meegedeeld in de maand september van het jaar X + 1. In de maanden januari tot oktober van het jaar X + 1 moet een bestuur dat voor het jaar X -1 een responsabiliseringsbijdrage verschuldigd was, tien maandelijkse termijnen betalen die gelijk zijn aan één twaalfde van een percentage van de responsabiliseringsbijdrage van het jaar X - 1. In de maanden november en december van het jaar X + 1 is telkens de helft van het verschil tussen de responsabiliseringsbijdrage voor het jaar X en de som van de van januari tot oktober betaalde termijnen verschuldigd.

Bijkomende informatie DmfAPPL - Looncodes berekeningsbasis pensioenbijdrage statutairen

De baremieke wedde van de statutaire ambtenaren waarop in DmfAPPL pensioenbijdragen verschuldigd zijn, wordt aangegeven met de looncode

  • 101: geïndexeerd basisloon
  • 110: loon toegekend aan een statutair personeelslid dat naar het buitenland gedetacheerd wordt
  • 140: vergoeding tijdens een periode van tijdelijke arbeidsongeschiktheid ingevolge een erkende beroepsziekte
  • 170: loon van een statutair personeelslid dat volledig afwezig is in het kader van een maatregel tot reorganisatie van de arbeidstijd.

De weddesupplementen waarop de bijdrage pensioen statutaire ambtenaren berekend wordt, worden in DmfAPPL aangegeven met de looncode

  • 454: vergoeding voor ceremoniemeesters, wachters, conservators, grafdelvers, brigadier-grafdelvers, dragers bij een begrafenisdienst, beambten bij het lijkhuis en het mortuarium
  • 510: weddesupplement voor bijkomende prestaties van het verplegend en verzorgend personeel
  • 512: weddesupplement voor nachtprestaties van het verplegend en verzorgend personeel
  • 557: jaarlijks weddesupplement voor de chef van de brandweerdienst (oud statuut)
  • 851: weddesupplement vierdagenweek met premie
  • 853: premie voor eindeloopbaan voor het verplegend, verzorgend en gelijkgesteld personeel
  • 854: vergoeding voor ceremoniemeesters, wachters, conservators, grafdelvers, brigadier-grafdelvers, dragers bij een begrafenisdienst, beambten bij het lijkhuis en het mortuarium
  • 910: weddesupplement voor bijkomende prestaties van het verplegend en verzorgend personeel
  • 912: weddesupplement voor nachtprestaties van het verplegend en verzorgend personeel
  • 914: weddeverhoging van 4%, 8% of 12% toegekend aan de hoofdverplegers
  • 916: weddesupplement voor weekendprestaties door het verplegend en verzorgend personeel
  • 957: jaarlijks weddesupplement voor de chef van de brandweerdienst (oud statuut)
  • 961: weddebijslag voor de uitoefening van een mandaat door het politiepersoneel
  • 976: competentieontwikkelingstoelage toegekend aan het politiepersoneel
  • 993: vormings- en meesterschapstoelage toegekend aan het politiepersoneel. 

Telkens moet hier de in het kwartaal uitbetaalde geïndexeerde wedde of het geïndexeerde weddesupplement vermeld worden.

De gegevens met betrekking tot de baremieke wedde en de eventueel toegekende weddesupplementen moeten eveneens vermeld worden in de Capelo-blokken 90312 'baremieke wedde' en 90313 'weddebijslag'. In deze blokken worden de niet-geïndexeerde baremieke wedde en de niet-geïndexeerde weddesupplementen vermeld.