Langdurig werkzoekenden - algemene categorie

Wanneer de werkgever een langdurig werkzoekende aanwerft, kan hij onder bepaalde voorwaarden genieten van volgende twee voordelen:

  • een vermindering van de werkgeversbijdragen voor sociale zekerheid onder de vorm van een doelgroepvermindering voor langdurig werkzoekenden;
  • een tussenkomst in het nettoloon van de werknemer via een activering van de werkloosheidsuitkering (werkuitkering of inschakelingsuitkering), die de werkgever in mindering mag brengen van het nettoloon van de werknemer.

De hiernavolgende tekst handelt enkel over de bijdragevermindering, de toekennening van de uitkeringen valt immers onder de bevoegdheid van de RVA of van het OCMW.

Betrokken werkgevers

Alle werkgevers, zowel van de privésector als van de openbare sector, komen in aanmerking voor de vermindering.

Zijn evenwel uitgesloten:

  • het Rijk, met daarin begrepen de Rechterlijke macht, de Raad van State, het leger en de federale politie;
  • de Gemeenschappen en Gewesten;
  • de instellingen van openbaar nut en de openbare instellingen die van de hiervoor genoemde overheden afhangen.

Komen voor de overheidssector wel in aanmerking:

  • de openbare kredietinstellingen;
  • de autonome overheidsbedrijven;
  • de openbare maatschappijen voor personenvervoer;
  • de openbare instellingen voor het personeel dat zij in dienst nemen als uitzendkrachten, om het ter beschikking te stellen van gebruikers met het oog op het uitvoeren van een tijdelijke arbeid, overeenkomstig de wet van 24 juli 1987 betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers;
  • de onderwijsinstellingen voor hun contractueel onderhouds-, administratief - of ondersteunend personeel;
  • de polders en wateringen alsook de kerkfabrieken
  • de gemeenten;
  • de intercommunales;
  • de aan de gemeenten ondergeschikte openbare instellingen (o.a. de autonome gemeentebedrijven, de openbare centra voor maatschappelijk welzijn en de verenigingen van openbare centra voor maatschappelijk welzijn);
  • de lokale politiezones;
  • de hulpverleningszones;
  • de provincies;
  • de aan de provincies ondergeschikte openbare instellingen (o.a. de autonome provinciebedrijven).

Ook de in België gevestigde diplomatieke zendingen en de supranationale instellingen komen in aanmerking.

Betrokken werknemers

Het gaat om werkzoekenden, waarmee bedoeld wordt de niet-werkende werknemers die als werkzoekende ingeschreven zijn bij de gewestelijke dienst voor arbeidsbemiddeling.

Om in aanmerking te komen moet de werknemer dus op de dag van indienstneming ingeschreven zijn als niet-werkend werkzoekende en kunnen aantonen dat hij tijdens een bepaalde periode, variërend volgens leeftijd, een minimum aantal dagen als dusdanig ingeschreven geweest is. Op basis van deze parameters levert de RVA een werkkaart af met overeenstemmende code.

Onder het puntje 'vermindering' kan u een tabel raadplegen met de vereiste dagen niet-werkend werkzoekend zijn, de verminderingscodes en de overeenkomstige RVA-codes op de werkkaart.

De voorwaarde dat zij de hoedanigheid van werkzoekende moeten hebben op het ogenblik van de indienstneming, geldt evenwel niet voor werknemers die verder worden tewerkgesteld na afloop van één van de volgende periodes:

  • de periode van tewerkstelling in toepassing van artikel 60, § 7, van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn;
  • de periode van deeltijds onderwijs in het kader van de deeltijdse leerplicht;
  • de periode van alternerende tewerkstelling en opleiding bedoeld in het koninklijk besluit nr. 495 van 31 december 1986 tot invoering van een stelsel van alternerende tewerkstelling en opleiding voor de jongeren tussen 18 en 25 jaar en tot tijdelijke vermindering van de socialezekerheidsbijdragen van de werkgever verschuldigd voor deze jongeren;
  • de werknemer tewerkgesteld in een doorstromingsprogramma in toepassing van het koninklijk besluit van 9 juni 1997 tot uitvoering van artikel 7, § 1, derde lid, m, van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, betreffende de doorstromingsprogramma's;
  • de werkzoekende met een verminderde arbeidsgeschiktheid.

De werknemers van de volgende categorieën komen niet in aanmerking voor de vermindering :

  • de werknemer die van het voordeel van de vrijstelling werd uitgesloten door een beslissing van het beheerscomité van de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid, genomen op basis van een rapport van de inspectiediensten van de Inspectie van de Sociale Wetten, de Sociale Inspectie, de RVA of de RSZ, indien na klacht werd vastgesteld dat de werknemer werd aangenomen ter vervanging en in eenzelfde functie van een ontslagen werknemer met als hoofdzakelijk doel de voordelen van dit koninklijk besluit te verkrijgen;
  • de werknemers die worden aangeworven vanaf het ogenblik dat zij zich in een statutaire toestand bevinden;
  • de werknemers die worden aangeworven als leden van het academisch en wetenschappelijk personeel door de instellingen van universitair onderwijs of als leden van het onderwijzend personeel in de andere onderwijsinstellingen;
  • de werknemers die in dienst worden genomen in het kader van een doorstromingsprogramma in toepassing van het koninklijke besluit van 9 juni 1997 betreffende de doorstromingsprogramma's;
  • voor Vlaanderen: de werknemer die vóór 1 januari 2016 bij de werkgever tewerkgesteld was als gesubsidieerde contractueel;
  • voor Vlaanderen: de werknemer die de werkgever opnieuw in dienst neemt binnen een periode van 12 maanden na beëindiging van de vorige arbeidsovereenkomst waarvoor hij de voordelen gesubsidieerde contractueel genoten heeft.

Vlaams Gewest:

Vanaf 1 januari 2017 kan voor werknemers die in dienst treden bij een werkgever voor een tewerkstelling in Vlaanderen niet langer de 'doelgroepvermindering langdurig werkzoekenden - algemene categorie' toegepast worden.

Als overgangsmaatregel kunnen werkgevers die werknemers hebben die in dienst getreden zijn vóór 1 januari 2017 en ononderbroken verder in dienst blijven (met een doorlopende of aansluitende arbeidsovereenkomst), voor deze werknemers voor de hen resterende kwartalen en onder dezelfde voorwaarden, van de vermindering blijven genieten. Er zijn specifieke verminderingscodes voor deze overgangsmaatregelen (zie tabel). De vermindering stopt definitief op 31 december 2018. 

Waals Gewest (zonder de Duitstalige Gemeenschap):

Vanaf 1 juli 2017 kan voor werknemers die in dienst treden bij een werkgever voor een tewerkstelling in Wallonië niet langer de 'doelgroepvermindering langdurig werkzoekenden - algemene categorie' toegepast worden.

Als overgangsmaatregel kunnen werkgevers die werknemers hebben die in dienst getreden zijn vóór 1 juli 2017 en ononderbroken verder in dienst blijven (met een doorlopende of aansluitende arbeidsovereenkomst), voor deze werknemers voor de hen resterende kwartalen en onder dezelfde voorwaarden, van de vermindering blijven genieten. Er zijn specifieke verminderingscodes voor deze overgangsmaatregelen. De vermindering stopt definitief op 30 juni 2020. 

Brussels Hoofdstedelijk Gewest:

Vanaf 1 oktober 2017 kan voor werknemers die in dienst treden bij een werkgever voor een tewerkstelling in Brussel niet langer de 'doelgroepvermindering langdurig werkzoekenden - algemene categorie' toegepast worden.

Als overgangsmaatregel kunnen werkgevers die werknemers hebben die in dienst getreden zijn vóór 1 oktober 2017 en ononderbroken verder in dienst blijven (met een doorlopende of aansluitende arbeidsovereenkomst), voor deze werknemers voor de hen resterende kwartalen en onder dezelfde voorwaarden, van de vermindering blijven genieten. Er zijn specifieke verminderingscodes voor deze overgangsmaatregelen. De vermindering stopt definitief op 31 december 2018. 

Bedrag van de vermindering

De werkgever kan volgende verminderingen genieten:

Leeftijd

indienst

(jaar)

Maatregel

Min. aantal dagen

'werkzoekend'

(regime 6 dagen)

Referte-

periode

(maand)

(1)

Aantal kwartalen G8

(2)

Aantal kwartalen G1

(2)

Aantal kwartalen G2

(2)

RVA-codes.

Verminderings

-codes

< 45

ACTIVA

1

0

-

C35

< 45

ACTIVA

312

18

-

5

C1, C20, C25, C36

3200,

7000

< 45

ACTIVA

624

36

-

9

C3, C4, C37

3201
6001
7001
8001

< 45

ACTIVA

936

54

-

9

4

C5, C6, C38

3202
6002
7002
8002

< 45

ACTIVA

1560

90

-

9

12

C7, C8, C39

3203
6003
7003
8003

>= 45

ACTIVA

1

0

-

D18

>= 45

ACTIVA

156

9

-

5

16

D1, D19

3210
6005
7005
8005

>= 45

ACTIVA

312

18

-

21

D3, D20

3211
6006
7006
8006

>= 45

ACTIVA

468

27

-

21

D5, D6, D21

3211
6006
7006
8006

< 26

ACTIVA

1

0

C35

< 26

ACTIVA

78

4

-

C35

< 26

ACTIVA

156

9

-

C35

< 27

ACTIVA

312

18

12

C40, C41

3205
6004
7004
8004

< 30 ACTIVA 156 9 12 C42, C43 3205
6004
7004
8004
< 25 (3) ACTIVA PVP 312 18 - 21 C21, C22 [3204 (DmfA)]
8200 (DmfAPPL)
8007 (DmfA en DmfAPPL)
>= 25 et < 45 (3) ACTIVA PVP 624 36 - 21 C9, C10 [3204 (DmfA)]
8200 (DmfAPPL)
8007 (DmfA en DmfAPPL)
>= 45 (3) ACTIVA PVP 156 9 - onbeperkt D7, D8 [3212 (DmfA)]
8210 (DmfAPPL)
8008 (DmfA en DmfAPPL)

(1) maand van indienstneming niet meegeteld

(2) kwartaal van indienstneming meegeteld

(3) activa voor de indienstname van preventie- en veiligheidspersoneel (stadswachten) bij de gemeenten

De op de werkkaart vermelde codes zijn specifiek voor de RVA en bepalen onder andere of de betrokken werknemer recht heeft op een werkuitkering. In de tabel vindt u de overeenkomstige RSZ-verminderingscode terug. De RSZ-verminderingscodes houden geen rekening met het recht op een eventuele werkuitkering. Een aantal RVA-codes zijn enkel toepasselijk op werknemers, tewerkgesteld bij werkgevers die hun aangifte doen via een Dmfa voor provinciale en plaatselijke besturen.

Vanaf 1 juli 2013 is een specifieke activering van de werkloosheidsuitkering mogelijk voor laaggeschoolde jongeren. Samengaand met deze maatregel wordt er voorzien in een doelgroepvermindering langdurig werkzoekenden met een verhoogd forfait. Twee bijkomende RVA-codes werden gecreëerd om dit te kunnen attesteren op de werkkaart. Vanaf 1 januari 2014 wordt dit uitgebreid naar jongeren tot 30 jaar en werkzoekend gedurende 156 dagen in de loop van de 9 voorafgaande kalendermaanden (twee nieuwe RVA-codes). Meer informatie over deze maatregel kan u terugvinden op de website van de RVA.

Vanaf 1 januari 2012 kan een werknemer niet meer in dienst treden gebruik makend van het systeem tijdelijk versterkte activering (win-win). De daarmee samenhangende codes werden in de tabel geschrapt.

Vanaf 1 september 2011 is een specifieke activering van de werkloosheidsuitkering mogelijk voor personen met een verminderde arbeidsgeschiktheid. Deze maatregel heeft geen directe uitwerking op de doelgroepvermindering langdurig werkzoekenden maar sluit niet uit dat de betrokkene daar toch voor in aanmerking komt als aan de randvoorwaarden wordt voldaan. Een aantal bijkomende RVA-codes werden gecreëerd om dit te kunnen attesteren op de werkkaart. Meer informatie over deze maatregel kan u terugvinden op de website van de RVA.

De in de tabel opgenomen verminderingskwartalen slaan enkel op de 'doelgroepvermindering langdurig werkzoekenden'. De werknemers met een werkkaart C35 openen geen recht op de doelgroepvermindering langdurig werkzoekenden maar genieten wel een werkuitkering. Zij kunnen mogelijk wel in aanmerking komen voor de 'doelgroepvermindering jonge werknemers'.

Indien een werkgever deze doelgroepvermindering, de overgangsmaatregelen activa of de maatregelen activa reeds genoten heeft voor een werknemer die hij opnieuw in dienst neemt binnen de 30 maanden na het einde van de vorige arbeidsovereenkomst en deze werknemer nog een geldige werkkaart kan voorleggen, wordt deze tewerkstelling ononderbroken geacht wat betreft het vaststellen van het recht op de vermindering G1, G2 of G8 en het aantal resterende kwartalen waarin hij hierop nog recht heeft. De periode van onderbreking verlengt dus de periode gedurende dewelke de voordelen kunnen worden toegekend, niet.

De werkgever kan geen aanspraak maken op deze doelgroepvermindering voor de werknemer die hij terug in dienst neemt binnen een periode van 12 maand na beëindiging van de vorige arbeidsovereenkomst die gesloten was voor onbepaalde duur wanneer hij voor deze tewerkstelling de voordelen van het banenplan genoten heeft.


Activa preventie en veiligheidsbeleid (PVP)

De lokale overheden kunnen in het kader van het lokaal veiligheids- en preventiebeleid extra-aanwervingen verrichten indien ze met de Minister van Binnenlandse Zaken een veiligheids- en preventiecontract afsluiten om een maximale aanwezigheid van preventie- en veiligheidspersoneel te verzekeren in de buurten. Het doel van deze contracten is een verhoging van lokale veiligheid door een versterking van de geruststellende menselijke aanwezigheid. Deze contractuele werknemers, tewerkgesteld in het kader van het activaplan, vervangen geleidelijk de stadswachten in het PWA-statuut en voeren enkele bijkomende taken in het kader van het veiligheids- en preventiebeleid uit.

Los van de doelgroepvermindering wordt vanaf 1 januari 2018 door de Minister van Binnenlandse Zaken een financiële toelage toegekend aan de gemeenten als bijkomende tussenkomst in de kosten die voortvloeien uit de activering van de gemeenschapswachten in het kader van de strategische veiligheids- en preventieplannen. De regio's waar de doelgroepvermindering niet geschrapt werd, bepalen in hoeverre deze toelage interageert met de doelgroepvermindering.

De aanwervingen tot ondersteuning van het lokaal veiligheids- en preventiebeleid worden verricht met het oog op:

  • de aanwezigheid en het toezicht bij de uitgang van de scholen;
  • de aanwezigheid en het toezicht in de omgeving van en in sociale woonwijken;
  • de aanwezigheid en het toezicht op openbare parkeerplaatsen voor auto’s en fietsen;
  • de aanwezigheid en het toezicht op en in de omgeving van het openbaar vervoer;
  • het verhogen van het veiligheidsgevoel door te waken over de gemeentelijke infrastructuur, in te staan voor preventiecampagnes, of het sensibiliseren van de bevolking;
  • de bescherming van het milieu;
  • het vaststellen van inbreuken die uitsluitend beteugeld worden met administratieve sancties, in een rapport dat overgemaakt wordt aan de daartoe gewezen ambtenaar van de gemeente.

De lokale overheid die de werknemers wil aanwerven moet een aanvraagdossier indienen bij de Minister van Binnenlandse Zaken en gelijktijdig aan volgende voorwaarden voldoen:

  • De lokale overheid voorziet in een passende basisopleiding van de werknemer in samenwerking met de FOD Binnenlandse Zaken.
  • De lokale overheid stelt de voorgeschreven werkkledij en de andere benodigde werkingsmiddelen ter beschikking van de werknemer.
  • De werknemer bezit minstens een diploma of getuigschrift van het lager secundair onderwijs.
  • De werknemer legt een bewijs van goed zedelijk gedrag voor.
  • Er wordt geen statutair of contractueel personeelslid vervangen, tenzij de contractuele werknemer aangeworven was in het kader van het lokaal veiligheids- en preventiebeleid.

De doelgroepvermindering voor langdurig werkzoekenden wordt toegekend aan werknemers die in het bezit zijn van een geldige werkkaart en gelijktijdig aan de in de tabel vermelde voorwaarden voldoen.

Waals Gewest (zonder de Duitstalige Gemeenschap)

Vanaf 1 juli 2017 kan de werkgever voor werknemers die in dienst treden voor een tewerkstelling in Wallonië niet langer de 'doelgroepvermindering langdurig werkzoekenden in het activaplan preventie en veiligheid' genieten. 

Als overgangsmaatregel kunnen werkgevers die werknemers hebben die in dienst getreden zijn vóór 1 juli 2017 en ononderbroken verder in dienst blijven (met een doorlopende of aansluitende arbeidsovereenkomst), voor deze werknemers voor de hen resterende kwartalen en onder dezelfde voorwaarden, de vermindering blijven genieten. Er zijn specifieke verminderingscodes voor deze overgangsmaatregelen. De overgangsmaatregelen stoppen op 1 januari 2018.

Brussels Hoofdstedelijk Gewest

Vanaf 1 januari 2018 kan de werkgever voor werknemers tewerkgesteld in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest niet langer de 'doelgroepvermindering langdurig werkzoekenden in het activaplan preventie en veiligheid' genieten. 

Er zijn geen overgangsmaatregelen.

Duitstalige Gemeenschap

Vanaf 1 januari 2018 kan de werkgever voor werknemers tewerkgesteld in het Duitstalige landsgedeelte niet langer de 'doelgroepvermindering langdurig werkzoekenden in het activaplan preventie en veiligheid' genieten. 

Er zijn geen overgangsmaatregelen.

Te vervullen formaliteiten

De werkzoekenden die voldoen aan de voorwaarden voor deze doelgroepvermindering, kunnen bij het regionaal bureau van de RVA waarvan zij af hangen, een werkkaart verkrijgen als bewijs van deze hoedanigheid.

Indien de werkzoekende op het ogenblik van zijn indienstneming niet in het bezit is van een geldige werkkaart, dan kan ook de werkgever de kaart aanvragen bij de RVA. De aanvraag die van de werkgever uitgaat zal enkel geldig zijn indien zij voor iedere werkzoekende afzonderlijk gebeurt, en wordt slechts aanvaard voor zover op die aanvraag de namen van de werkgever en van de werknemer vermeld zijn, en ook het domicilie van de werknemer, zijn identificatienummer voor de sociale zekerheid en de datum van zijn indiensttreding.

De aanvraag voor een werkkaart moet gebeuren bij het regionaal bureau van de RVA, uiterlijk de 30ste dag die volgt op de datum van indienstneming. Wanneer de werkgever deze termijn van 30 dagen niet eerbiedigt, wordt de periode van vermindering van bijdragen ingekort met een periode die aanvangt op de dag van de indienstneming en die eindigt op de laatste dag van het kwartaal waarin de laattijdige aanvraag van de werkkaart gebeurde.

De werkkaart moet binnen dezelfde termijn worden aangevraagd voor de indienstnemingen die gebeuren bij het beëindigen van één van de hierboven opgesomde periodes waarvoor de hoedanigheid van werkzoekende op het moment van indienstneming niet vereist is.

Indien de aanvraag van de werkkaart per post gebeurt, dan wordt de postdatum als datum van indiening beschouwd.

De werkkaart heeft als geldigheidsdatum:

  • de datum waarop de aanvraag wordt ingediend indien de werkzoekende nog niet in dienst is genomen;
  • de datum van de indienstneming indien de werkzoekende reeds in dienst is genomen.

De werkkaart heeft een geldigheidsduur van zes maanden en is geldig voor elke indienstneming die plaatsvindt tijdens haar geldigheidsperiode. Wanneer een nieuwe werkkaart wordt aangevraagd tijdens de geldigheidsduur van een vorige werkkaart, wordt een werkkaart gegeven met dezelfde geldigheidsperiode als de vorige werkkaart.

De geldigheid van de werkkaart is verlengbaar met periodes van telkens zes maanden voor zover de werkzoekende aantoont dat hij op de datum van indiening van de nieuwe aanvraag of op de datum van de indienstneming opnieuw voldoet aan de gestelde voorwaarden.

Waals Gewest (zonder de Duitstalige Gemeenschap):

Vanaf 1 januari 2018 levert de FOREM geen werkkaarten meer af voor werknemers uit het Waals Gewest.  

Brussels Hoofdstedelijk Gewest :

Vanaf 1 oktober 2017 levert Actiris geen werkkaarten meer af voor werknemers uit het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

Vlaams Gewest :

Vanaf 1 januari 2017 levert de RVA geen werkkaarten meer af voor werknemers uit het Vlaamse Gewest voor een tewerkstelling in Vlaanderen.