Tijdelijke collectieve arbeidsduurvermindering - coronamaatregel

Het KB nr. 46 van 26 juni 2020 voorziet in de mogelijkheid dat ondernemingen erkend in moeilijkheden en/of in herstructurering waarvan de begindatum van de erkenning valt in de periode 1 maart 2020 - 31 december 2020, overgaan tot een tijdelijke collectieve vermindering van de arbeidsduur al dan niet in combinatie met de invoering van een vierdagenweek (dit laatste enkel voor de voltijdse werknemers).

Het is de bedoeling de kosten voor de werkgever tijdelijk te verminderen en de tewerkstelling te behouden, door deze arbeidsduurvermindering in te voeren met (overeenkomstig) loonverlies. De voorziene doelgroepvermindering kan dan aangewend worden om een complement bij het loon van de werknemers te voegen.

Betrokken werkgevers

Het betreft de werkgevers van wie de werknemers onder het toepassingsgebied vallen van de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités of onder het toepassingsgebied van de wet van 21 maart 1991 houdende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven. Samengevat zijn dit de werkgevers uit de private sector en de autonome overheidsbedrijven.

Enkel werkgevers erkend in moeilijkheden en/of in herstructurering waarvan de begindatum van de erkenning valt in de periode 1 maart 2020 - 31 december 2020, die overgaan tot een tijdelijke collectieve vermindering van de arbeidsduur met 1/4de of 1/5de al dan niet in combinatie met de invoering van een vierdagenweek, komen in aanmerking. De tijdelijke collectieve arbeidsduurvermindering, al dan niet in combinatie met een vierdagenweek, kan ingevoerd worden voor maximum 1 jaar en kan enkel gedurende de periode van erkenning en ten vroegste op 1 juli 2020. Meer uitleg over de erkenning als onderneming in moeilijkheden of in herstructurering is te vinden op de pagina 'Stelsel van werkloosheid met bedrijfsvoorheffing' van de FOD WASO.

De werkgever kan de arbeidsduurvermindering, al dan niet met vierdagenweek, invoeren voor gans zijn personeel of enkel voor (een) bepaalde categorie(ën) van werknemers (voorbeeld: enkel arbeiders, 45-plussers, ...). De tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur en invoering van de vierdagenweek moeten worden vastgesteld

  • bij CAO op ondernemingsniveau of
  • (bij afwezigheid van een vakbondsafvaardiging) bij een wijziging van het arbeidsreglement.

Enkel werkgevers die minstens 3/4de van deze werkgeversbijdragevermindering aanwenden om als complement bij het loon van de werknemers te voegen ter compensatie van het loonverlies van hun werknemers bij de invoering van de arbeidsduurvermindering, komen in aanmerking.

 

Betrokken werknemers

Alle voltijdse en deeltijdse werknemers die tot een categorie van werknemers behoren die tijdelijk overgegaan zijn tot een effectieve arbeidsduurvermindering met 1/4de of 1/5de, kunnen in aanmerking komen voor deze doelgroepvermindering. De situatie voorafgaand aan de invoering van de arbeidsduurvermindering, is bepalend om na te gaan of aan de voorwaarde is voldaan.

Het verhoogde forfait voor de invoering van de vierdagenweek geldt enkel voor voltijdsen.

Deeltijdsen waarbij enkel het gemiddeld aantal uren per week van de maatman, maar niet van de werknemer zelf, vermindert met 1/4de of 1/5de, komen voor de bijdragevermindering niet in aanmerking. Het gaat hier om de zogenaamde 'absolute' deeltijdsen, van wie de prestaties in de arbeidsovereenkomst niet zijn uitgedrukt als een percentage van de voltijdse maatman maar uitgedrukt in een absoluut te presteren aantal uren en dagen. Door de invoering van de arbeidsduurvermindering vergroot hun prestatiebreuk.

 

Bedrag van de vermindering

De werkgever kan aanspraak maken al naar het geval op volgende vermindering vanaf het moment van invoering van de arbeidsduurvermindering:

  • G4 (600,00 EUR) vanaf het moment waarop de arbeidsduur verminderd wordt met 1/5de
  • G5 (750,00 EUR) vanaf het moment waarop de arbeidsduur verminderd wordt met 1/4de
  • G1 (1.000,00 EUR) vanaf het moment waarop de arbeidsduur verminderd wordt met 1/5de en tegelijkertijd de vierdagenweek wordt ingevoerd (enkel voor de voltijdse werknemers)
  • G6 (1.150,00 EUR) vanaf het moment waarop de arbeidsduur verminderd wordt met 1/4de en tegelijkertijd de vierdagenweek wordt ingevoerd (enkel voor de voltijdse werknemers)

Onder ‘vierdagenweek’ moet worden verstaan: de regeling waarbij de wekelijkse arbeidsduur gespreid wordt hetzij over vier arbeidsdagen per week, hetzij over vijf arbeidsdagen per week welke drie volledige en twee halve arbeidsdagen inhouden.

Onder ‘halve arbeidsdag’ verstaat men: ten hoogste de helft van het aantal arbeidsuren dat voorzien wordt in het werkrooster voor de langste van de drie volledige arbeidsdagen.

Aangezien het de bedoeling is de kosten voor de werkgever tijdelijk te verminderen, zal deze arbeidsduurvermindering ingevoerd worden met (overeenkomstig) loonverlies. De doelgroepvermindering kan evenwel slechts worden toegekend indien minstens 3/4de ervan aangewend wordt om als complement bij het loon te worden gevoegd van de werknemers. Dit verplichte complement is loon waarop socialezekerheidsbijdragen betaald moeten worden. Het moet worden aangegeven onder looncode 5.

Voor het bepalen van de '3/4de' wordt het bruto bedrag zonder de werkgeversbijdrage beschouwd. Het gaat hierbij om het forfait waarop de werkgever voor de betreffende werknemer in principe recht heeft, eventueel geproratiseerd naar de effectieve betaalde prestaties van de werknemer volgens de berekeningswijze opgenomen in de ondernemingsCAO die moet worden voorgelegd aan de FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg. De berekening van het complement is dus onafhankelijk van de uiteindelijk toegekende bijdragevermindering. Indien u meer details wenst te bekomen, kan u uw systeem van looncompensatie voorleggen op het TSW kantoor (Toezicht op de Sociale Wetten) van de plaats waar de werkgever de CAO zal neerleggen.

U moet er rekening mee houden dat het complement niet altijd 3/4 van het forfait kan bedragen maar dat het soms lager en soms hoger zal moeten zijn:

  • het complement voor een individuele werknemer mag nooit tot gevolg hebben dat de werknemer tijdens de arbeidsduurvermindering meer brutoloon heeft dan voordien. In dat geval moet het complement beperkt worden tot het verschil.
  • tijdens de arbeidsduurvermindering blijven de regels inzake minimumloon gelden. Het is dus mogelijk dat voor bepaalde werknemers een grotere looncompensatie voorzien moet worden om het minimumloon te bereiken.

Werknemers die in dienst komen na de invoering van de arbeidsduurvermindering hebben eveneens recht op deze vermindering als ze tot een categorie behoren die daarvoor in aanmerking komt. De feitelijke situatie waarop de tewerkstellingslijn betrekking heeft is bepalend of de werknemer tot de rechtopenende groep behoort of niet.

De toekenning van de vermindering is voorlopig. Zij wordt definitief indien vaststaat dat de werkgever alle voorwaarden voor de toekenning vervult.

Te vervullen formaliteiten

Onder arbeidsduur verstaat men de normale(1) gemiddelde(2) wekelijkse arbeidsduur van de werknemers. De arbeidsduur van de voltijdse maatman zowel vóór als na de invoering van het stelsel van crisis arbeidsduurvermindering moet worden meegedeeld in een apart scherm van de webapplicatie of in een apart functioneel blok:

  • (1) Normaal betekent rekening houdend met de theoretische gemiddelde wekelijkse arbeidsduur, dus zonder rekening te houden met de gepresteerde overuren, en ongeacht eventuele afwezigheden wegens ziekte, tijdelijke werkloosheid, gewettigde of ongewettigde afwezigheid,... In feite is dit de arbeidsduur die staat in de arbeidsovereenkomst of de eventuele aanpassingen daarvan.
  • (2) Gemiddeld betekent het gemiddelde van de arbeidscyclus die een afgesloten geheel vormt, samengesteld uit te werken dagen en rustdagen, en die zich volgens eenzelfde patroon herhaalt. In geval van flexibele arbeidsregelingen kan deze cyclus zich uitstrekken over twaalf maanden.

In de aangifte moet bij de karakteristieken van de tewerkstellingslijn ook het gemiddeld aantal uren per week van de werknemer (Q) en de voltijdse maatman (S) worden ingevuld. Het gaat om de normale gemiddelde wekelijkse arbeidsduur, verhoogd met de betaalde uren inhaalrust(3) ingevolge een klassieke regeling tot vermindering van de arbeidsduur (zie ook de uitleg van deze ‘dubbeltelling’ bij de bespreking van het invullen van ‘het gemiddeld aantal uren per week’ ). In sommige gevallen (bijvoorbeeld in de bouwsector) zal S dus verschillen met de arbeidsduur van de voltijdse maatman.

  • (3) Zowel voor de werknemer als voor de maatpersoon wordt rekening gehouden met uren inhaalrust ingevolge een ‘klassieke’ regeling tot vermindering van de arbeidstijd, indien het gaat om inhaalrust die betaald wordt op het moment dat hij opgenomen wordt. De eventuele uren inhaalrust van de tijdelijke arbeidsduurvermindering wordt hier niet meegerekend.

Dit aantal zal na de invoering van de tijdelijke arbeidsduurvermindering steeds kleiner zijn dan voordien, zodat er steeds een nieuwe tewerkstellingslijn moet begonnen worden (want andere Q en S en eventueel ook ander arbeidsregime).

Voorbeeld 1:

Een werkgever, van wie de voltijdse maatman een arbeidsduur heeft van 38 uur/week (S = 38), stapt in het systeem van een tijdelijke arbeidsduurvermindering van 1/4de. De arbeidsduur vermindert dus naar 28,5 uur/week (S = 28,5).

Voorbeeld 2:

Een werkgever in de bouw van wie de voltijdse maatman een arbeidsduur heeft van 38 uur/week en van wie het personeel een aantal arbeidsduurverminderingsdagen heeft die betaald worden op het moment van recuperatie (S = 40), stapt eveneens in het systeem van een tijdelijke arbeidsduurvermindering van 1/4de. De arbeidsduur vermindert dus ook naar 28,5 uur/week (S = 30,5).

De datum van inwerkingtreding en beëindiging van het stelsel moet eveneens worden meegedeeld.

Meer informatie, onder andere over de minimale inhoud van de CAO's of van het arbeidsreglement, bevindt zich op de pagina 'Tijdelijke vermindering van de arbeidsduur in het kader van de COVID-19 pandemie' van de FOD WASO.

 

Bijkomende informatie DmfA - Aangifte van de tijdelijke arbeidsduurvermindering en de vierdagenweek

De bijdrageverminderingen voor tijdelijke collectieve arbeidsduurvermindering en/of vierdagenweek worden aangegeven in blok 90109 "vermindering tewerkstelling" met volgende vermeldingen:

Wekelijkse arbeidsduur 

Forfait

Duur

Verminderingscode in DMFA

Berekeningbasis in DMFA

Bedrag van de vermindering in DMFA

Date begin recht

Blok "Détailgegevens vermindering"
(zie onderaan)

verminderd met een vijfde1

G4 (600€)

tijdens de tijdelijke collectieve arbeidsduurvermindering  (maximaal één jaar) 2

3700

/

ja

/

ja

verminderd met een kwart1 G5 (750€)

tijdens de tijdelijke collectieve arbeidsduurvermindering  (maximaal één jaar) 2

verminderd met een vijfde en tegelijkertijd de vierdagenweek wordt ingevoerd (enkel voor de voltijdse werknemers) 1 G1 (1000€)

tijdens de tijdelijke collectieve arbeidsduurvermindering en tegelijkertijd de invoering van de vierdagenweek (maximaal één jaar)

3720

/

ja

/

ja

verminderd met een kwart en tegelijkertijd de vierdagenweek wordt ingevoerd (enkel voor de voltijdse werknemers) 1 G6 (1150€)

tijdens de tijdelijke collectieve arbeidsduurvermindering en tegelijkertijd de invoering van de vierdagenweek (maximaal één jaar) 2

  1  met complement bij het loon aan te geven onder looncode 5
   2  vanaf 1/7/2020 ten vroegste 

 

Blok 90250  "Detailgegevens vermindering"  (voor tijdelijke arbeidsduurvermindering 3700 en 3720)

Dit blok detail moet bevatten :

  • de datum van inwerkingtreding van de arbeidsduurvermindering (zone 00143)
  • de datum van beëindiging van de arbeidsduurvermindering (zone 00914)
  • de gemiddelde wekelijkse arbeidsduur van de voltijdse werknemers voor de invoering (zone 00147)
  • de gemiddelde wekelijkse arbeidsduur van de voltijdse werknemers na de invoering (zone 00148)

Als de DmfA wordt ingediend via web worden de verminderingen 3700 of 3720 automatisch berekend als ze worden geactiveerd.