Voor wie ?

Voor iedere werknemer wiens arbeidsovereenkomst beëindigd wordt, ongeacht de reden van de beëindiging (dus niet enkel bij ontslag, maar ook na afloop van een contract van bepaalde duur, bij vrijwillige werkverlating ...), moet de werkgever die gebruik maakt van de elektronische aangifte, op eigen initiatief:

  • een elektronische aangifte sociaal risico "einde arbeidsovereenkomst: volledige werkloosheid of werkloosheid met bedrijfstoeslag " verrichten;
  • een papieren C4ASR of C4ASR-SWT (in geval van werkloosheid met bedrijfstoeslag) invullen en overhandigen aan de werknemer.

Voor leerkrachten en gelijkgestelden is er het subrisico "onderwijs". Voor werknemers die het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag aanvragen, is er het subrisico "werkloosheid met bedrijfstoeslag". Voor alle andere werknemers is er het algemene subrisico "aangifte van einde
arbeidsovereenkomst".

Een vierde subrisico is het "arbeidsbewijs", dat op vraag van de werknemer gebeurt om zijn rechten te laten vaststellen op basis van arbeidsdagen gepresteerd in een nog niet beëindigde tewerkstelling (bijvoorbeeld bij deeltijdsen).