Statutairen openbare sector

De niet elders besproken specifieke toelagen, premies en vergoedingen die statutaire personeelsleden ontvangen, zijn loon dat onderworpen is aan socialezekerheidsbijdragen.

 

Uitsluitingen op basis van artikel 30, §2, 4°

Voor de berekening van socialezekerheidsbijdragen op het loon van de statutairen worden de toelagen, premies of vergoedingen uitgesloten waarvan de toekenningsmodaliteiten uiterlijk op 1 augustus 1990 vastgesteld werden in wettelijke, reglementaire of statutaire bepalingen en die op 1 januari 1991 niet onderworpen waren aan socialezekerheidsbijdragen. Vereist wordt dat de toelagen, premies of vergoedingen vastgesteld zijn in een besluit, reglement of statuut van het bestuur van vóór 2 augustus 1990 dat goedgekeurd werd door de voogdijoverheid.

Met 'toekenningsmodaliteiten' worden bedoeld de voorwaarden die vastgelegd zijn in een lokaal besluit, reglement of statuut en die de toekenning van de toelage, premie of vergoeding bepalen, meer bepaald

  • de berekeningswijze van de toelage, premie of vergoeding (uurloon, forfaitair jaar- of maandbedrag, percentage van het brutoloon...);
  • de personeelscategorieën waaraan zij worden toegekend.

Iedere wijziging na 1 augustus 1990 aan één van de modaliteiten moet worden beschouwd als een wijziging van het besluit, reglement of statuut, en heeft tot gevolg dat de toelage, premie of vergoeding onderworpen wordt aan socialezekerheidsbijdragen. De wijziging van de toekenningsmodaliteiten wordt door de RSZ strikt geïnterpreteerd.

De verhogingen van deze toelagen, premies en vergoedingen die voortvloeien uit de koppeling aan het indexcijfer der consumptieprijzen, worden niet beschouwd als een wijziging van de toekenningsmodaliteiten.

 

Andere uitsluitingen

Voor de berekening van socialezekerheidsbijdragen op het loon van de statutairen worden eveneens uitgesloten:

  • de vergoedingen voor het verplicht dragen van werkelijke lasten die niet kunnen worden beschouwd als normaal en met het ambt onafscheidelijk verbonden;
  • de haard- en standplaatstoelage;
  • de premie voor operationaliteit en onregelmatige prestaties van het brandweerpersoneel in een hulpverleningszone;
  • de premie toegekend aan de personeelsleden die gebruik maken van het recht op halftijdse vervroegde uittreding ingevolge titel II van de wet van 10 april 1995 betreffende de herverdeling van arbeid in de openbare sector of ingevolge hoofdstuk III van de wet van 19 juli 2012 betreffende de 4-dagenweek en het halftijds werken vanaf 50 of 55 jaar in de openbare sector.