Uw browser laat geen javascript toe. Om die reden zijn bepaalde functionaliteiten niet voorhanden.
Algemene info

Veel gestelde vragen

Wie moet een werkmelding doen?

  • Wanneer moet de aannemer de werken melden?

    De aannemer (aannemer die de aangifte doet) op wie de opdrachtgever (bouwheer) een beroep doet om, tegen een prijs, geviseerde werken uit te voeren of te laten uitvoeren moet de werken melden en alle inlichtingen betreffende de bouwplaats, de opdrachtgever en de eventuele onderaannemers verstrekken.


    Opmerking: Onder geviseerde werken wordt verstaan de werken die vallen onder het toepassingsgebied van de artikelen 30bis en 30ter van de wet van 27 juni 1969.


    De melding moet gebeuren voor de aanvang van de werken.


    Een onderaannemer die op zijn beurt een beroep zal doen op andere onderaannemers moet de aannemer die aangifte doet hiervan voorafgaandelijk in kennis stellen zodat de hoofdaannemer hiervan melding kan doen. Onderaannemers die nog niet gekend zijn op het ogenblik dat de werken gemeld werden en waarop later toch een beroep wordt gedaan, moeten door de aannemer die de aangifte doet toegevoegd worden aan de werkmelding.

    Zie ook vraag 2.


    Uitzondering vanaf 1 januari 2014: Een werk in onroerende staat moet niet gemeld worden wanneer:

    • de aannemer geen beroep doet op onderaannemers, EN
    • het totale bedrag (exclusief BTW) lager is dan 30.000 euro

    of

    • de aannemer beroep doet op slechts één onderaannemer, EN
    • het totale bedrag (exclusief BTW) lager is dan 5.000 euro.

    Indien tijdens de uitvoering van de werken aan één van de uitzonderingsvoorwaarden niet meer voldaan wordt, moet de aannemer de RSZ hiervan onmiddellijk op de hoogte brengen en alsnog de werken melden. Bij het inbrengen van een elektronische aangifte kan aangevinkt worden dat bij de aanvang van de werken het totaalbedrag, BTW niet inbegrepen, lager was dan 30.000 EUR en er geen beroep op onderaanneming was voorzien.

  • Wanneer moet de bouwpromotor de werken melden?

    De bouwpromotor moet de werken melden wanneer hij met de aannemer gelijkgesteld is. Lees aandachtig de interpretatie van §7 alinea 5 a, b, c van art. 30bis van de wet van 27 juni 1969 .pdf - Nieuw venster.

  • Wanneer moeten de tijdelijke vennootschappen de werken melden?

    De tijdelijke vennootschap zonder personeel:

    • Ofwel beschikt de tijdelijke handelsvennootschap over een ondernemingsnummer en verricht in dit geval de onder de medevennoten aangeduide zaakvoerder de werkmelding onder het ondernemingsnummer van de tijdelijke handelsvennootschap,
    • Ofwel beschikt de voormelde tijdelijke vennootschap niet over een ondernemingsnummer en wordt de werkmelding gedaan door de onder de medevennoten aangeduide zaakvoerder door middel van zijn eigen ondernemingsnummer. In beide gevallen moeten de medevennoten van de tijdelijke vennootschap die ertoe gebracht worden om werken in onroerende staat op de werf in kwestie uit te voeren als onderaannemers van de tijdelijke vennootschap worden aangegeven.

    De tijdelijke vennootschap met personeel:

    • De tijdelijke handelsvennootschappen die de hoedanigheid van werkgever hebben, beschikken over een ondernemingsnummer. Het komt dan aan een personeelslid van de tijdelijke handelsvennootschap toe om de werkmelding te verrichten.
  • Hoe zit het met buitenlandse aannemers en buitenlandse onderaannemers of werven in het buitenland?

    Buitenlandse onderneming

    Voor een buitenlandse onderneming die werken uitvoert in België gelden dezelfde regels als voor een Belgisch bedrijf: zij moet ook een werkmelding uitvoeren.
    Om werkmeldingen uit te voeren, hebben ook buitenlandse ondernemingen een Belgisch ondernemingsnummer nodig. Buitenlandse firma's die er nog geen hebben, kunnen dit aanvinken in de aangifte. Ze krijgen dan automatisch op het scherm een aanvraagformulier dat ze moeten invullen. De RSZ (initiator van het Belgische ondernemingsnummer) behandelt die aanvraag en kent een nummer toe. Na het toekennen van het ondernemingsnummer kan de buitenlandse ondernemer overgaan tot het melden van de werken.

    Buitenlandse onderaannemers

    Buitenlandse onderaannemers die de bedoelde werken uitvoeren, moeten ook via de elektronische werfmelding aangegeven worden. Voor Belgische onderaannemers is de invoering van hun ondernemingsnummer verplicht. Voor buitenlandse onderaannemers kan de aangifte gedaan worden met of zonder Belgisch ondernemingsnummer.
    Als u aangifte doet zonder Belgisch ondernemingsnummer, dan kunt u het intracommunautair btw-nummer invoeren voor ondernemingen gevestigd in de lidstaten van de EU, en het identificatienummer van het land van oorsprong invoeren voor ondernemingen gevestigd in landen die geen lid zijn van de EU.
    Als de buitenlandse onderaannemer niet over een intracommunautair btw-nummer beschikt, moeten alle verplichte gegevens in de elektronische werfmelding ingevoerd worden.

    Werf in het buitenland

    Werken in het buitenland moeten niet gemeld worden aan de Belgische sociale zekerheid, maar eventueel aan de bevoegde instanties van het betrokken land.

  • Hoe de werken melden?

    • Wanneer moet een contract gemeld worden?

      Onder "contract" wordt verstaan een mondelinge of schriftelijke verbintenis waarmee de aannemer zich tegen een bepaalde prijs ertoe verbindt om werken in naam en voor rekening van een opdrachtgever uit te voeren. Het is op dit contractueel niveau dat de werkmelding moet gebeuren en het komt aan deze aannemer toe om het contract en alle onderaannemers die in het kader van dit contract optreden of zullen optreden, te melden.


      Een ander type van contract is een mondelinge of schriftelijke overeenkomst waarmee een aannemer zich tegen een bepaalde prijs ertoe verbindt om werken, een deel van een werk uit te voeren voor rekening van een andere aannemer. Dit type van contract wordt aangegeven via de melding van de onderaannemers en de reproductie van de keten van de relaties tussen de optredende partijen.


      Het contract kan betrekking hebben op diverse tussenkomsten (van geviseerde werken) gedurende een periode en volgens een periodiciteit die in het contract zijn omschreven.

    • Langs welke weg (welk kanaal) kan een aangifte 30bis of 30ter gebeuren?

      De aangifte van de werken en de onderaannemers moeten, in toepassing van de artikelen 30bis en 30ter van de wet van 27/06/1969, verplicht elektronisch gebeuren via de toepassing Aangifte van werken.

      Vanaf 01/01/2010 voorziet de RSZ de mogelijkheid voor ondernemingen die een groot aantal meldingen 30 bis moeten uitvoeren om deze per lot in te dienen.


    • Hoe voeg ik onderaannemers toe aan mijn aangifte?

      U kunt onderaannemers op twee manieren toevoegen:

      • onmiddellijk na de verzending van de aangifte, of
      • bij een latere raadpleging van een bestaande aangifte.

      U kunt dus geen onderaannemers toevoegen zonder eerst  een aangifte te verzenden. Ter herinnering: er wordt een aangiftenummer toegekend aan elke verstuurde aangifte.

    • Hoe voegt u een onderaannemer toe aan een aangifte waarvan de aannemer het identificatienummer van de werkplaats niet kent?

      Als de aannemer beschikt over een gebruikersnaam en wachtwoord voor de beveiligde zone van de portaalsite van de sociale zekerheid kiest hij voor “Historiek van uw meldingen”. Hij krijgt dan een lijst van zijn ingediende aangiftes waaruit hij de werkmelding die hij zoekt kan selecteren.


      Hij kan ook opteren om een meer geavanceerde zoekopdracht uit te voeren door te klikken op “Uitgebreid zoeken”.


      Deze laatste mogelijkheid heeft hij ook in de onbeveiligde zone.

    • Kan een reeds ingediende melding gewijzigd worden?

      De aannemers die beschikken over een gebruikersnaam en een paswoord voor de online-toepassingen van de portaalsite van de sociale zekerheid kunnen bepaalde wijzigingen aanbrengen aan de aangiftes die zij reeds ingediend hebben (bvb. begin- of einddatum, bedrag, aard ...). De aannemers die nog niet beschikken over een gebruikersnaam en een paswoord, dienen, indien er gegevens moeten gewijzigd worden aan hun werfmeldingen, deze schriftelijk, per e-mail of per fax aan de diensten van de RSZ (diensten 30 bis Frans of Nederlands) mee te delen.


      Faxnummer sectie: 02 509 38 01

      E-mailadres sectie: ad2-sectie30bis@onssrszlss.fgov.be


    • Hoe geeft u de ligging van de werken aan?

      De eerste aannemer die ergens werken voor een bepaalde opdrachtgever zal uitvoeren, moet het gemeenschappelijke gedeelte van de melding aangeven, met o.a. een opgave van de ligging van de werken.


      De ligging van de werken kan gemeld worden door opgave van het precieze adres (straat, nummer, postcode en gemeente).


      Als niet al deze gegevens gekend zijn, duidt men dit aan en dan wordt de ligging gespecificeerd aan de hand van het kadasternummer of bij wijze van een precieze beschrijving van de ligging in de zone "opmerkingen".


      Indien het aan te geven contract betrekking heeft op meerdere gebouwen, straten of gemeenten, een regio, provincie of landsgedeelte, geeft men in deze zone een zo precies mogelijke plaatsbeschrijving van de werken m.b.t. dit contract.


      In het geval van een raamcontract kan deze plaatsbeschrijving aangevuld worden naarmate nieuwe locaties bekend worden.

    • Wat moeten we in de elektronische werkmelding verstaan onder werken in regie?

      Werken in regie: werken die worden gefactureerd tegen de prijs die de werkelijke uitgaven dekt, d.w.z. de kosten van de prestaties van het personeel, de kosten van grondstoffen en de andere kosten (in tegenstelling tot het forfait, waarbij de dienstverlener en de begunstigde van de diensten het bij voorbaat eens zijn over het bedrag van de prestatie).

    • Welke datum moet aangegeven worden als einddatum van de werken?

      Onder einddatum wordt verstaan de datum van de voorlopige oplevering van de werken of de datum van de beëindiging van het contract. Voor een raamcontract is dit één jaar na de begindatum van het contract.

    • Wat is het verschil tussen ‘werken met een specifiek einddoel’ en ‘werken met een doorlopend einddoel’? Wat is de reden voor dit onderscheid?

      Werken met een specifiek einddoel zijn eenmalige en specifieke opdrachten met een gekende of geschatte begin- en einddatum. Het bedrag van de werken is de som van de bedragen van de contracten op de werkplaats.

      Werken met een doorlopend einddoel zijn doorlopende contracten die voorzien in vastgelegde of onverwachte interventies gedurende een bepaalde periode (bv. 1 of meerdere jaren) die telkens verlengd kan worden. Raamcontracten en onderhoudscontracten vallen hieronder. In de Aangifte van Werken bedraagt de einddatum van dergelijke werken maximum 5 jaar na de aangiftedatum en kan hij verder verlengd worden. Het bedrag van de werken wordt voor deze aangiften op jaarbasis berekend of geschat.

    Wat aangeven?

    • Moet het einde van een bepaald werk gemeld worden en hoe?

      Een werkmelding waarvan de opgegeven einddatum bereikt is krijgt automatisch de status “afgesloten”. Als de werken op die datum effectief beëindigd zijn, moet de aangever geen actie ondernemen. Als dat niet het geval is, moet de einddatum aangepast worden door de werkmelding te wijzigen via de onlinedienst Aangifte van werken. De aannemer heeft hiervoor een gebruikersnaam en een paswoord nodig. Indien hij nog geen login ontvangen heeft, kan hij schriftelijk, via e-mail of via fax een wijziging van zijn werkmelding vragen aan de diensten 30bis van de RSZ.


      Faxnummer sectie: 02 509 38 01

      E-mailadres sectie: ad2-sectie30bis@onssrszlss.fgov.be

    • Moet de begin- en einddatum van de tussenkomst van onderaannemers gemeld worden?

      Het aangeven van de begin- en einddatum van de tussenkomst van onderaannemers is voorlopig facultatief. Als men deze data toch meldt, geeft men de begindatum van de eerste tussenkomst aan en de einddatum van de laatste tussenkomst (in opdracht van dezelfde aannemer of onderaannemer). In geval van veranderingen inzake tussenkomst kan men de einddatum steeds wijzigen (indien men over een gebruikersnaam en een paswoord beschikt).

    • Moeten verhuurders van werktuigen (met of zonder terbeschikkingstelling van gespecialiseerd personeel om deze te bedienen) gemeld worden?

      Op zich is het verhuren, met inbegrip van het monteren en demonteren van werktuigen op de werf, niet onderworpen aan de meldingsplicht.
      Indien het echter gaat om het ter beschikking stellen van werktuigen samen met gespecialiseerd personeel om deze te bedienen, met het oog op het deelnemen aan werken in onroerende staat (bouwwerken, reinigen van gevels, wassen van ruiten...), dan moet de onderneming die de werktuigen en het personeel ter beschikking stelt, gemeld worden als onderaannemer met de activiteitscode van de werken waaraan deelgenomen wordt.

    • Moet het poetsen van werfketen gemeld worden?

      Het hangt ervan af of deze werfketen onroerend zijn of niet. Indien het gaat om verplaatsbare lokalen, dan is het poetsen ervan geen werk in onroerende staat. Gaat het om lokalen die niet zonder schade aan te brengen kunnen verwijderd worden, dan gaat het om het schoonmaken van onroerende goederen en moet dit wel gemeld worden.

    • Moeten landmeters, veiligheidscoördinatoren, studiebureaus en andere dienstverrichters gemeld worden als onderaannemer?

      Neen.


      Enkel onderaannemers die werken in onroerende staat uitvoeren, moeten in toepassing van artikel 30 bis van de wet van 27 juni 1969 gemeld worden aan de RSZ.


      Ondernemingen die enkel diensten verstrekken, vallen niet onder de meldingsplicht in het kader van artikel 30bis.


      Eventuele veiligheids- en gezondheidscoördinatoren kunnen in de onlinedienst Aangifte van werken wel gemeld worden in de rubriek “Bouwdirecties”.

    • Moeten werken in opdracht van een natuurlijke persoon voor privédoeleinden gemeld worden?

      Ja. Werken in opdracht van een natuurlijke persoon die voor privédoeleinden deze werken laat uitvoeren, moeten eveneens gemeld worden door de aannemer. De aannemer moet echter aanduiden in de elektronische aangifte dat de opdrachtgever een natuurlijke persoon is die voor privédoeleinden werken laat uitvoeren. De privé-opdrachtgever zelf valt niet onder toepassing van de artikelen 30bis en 30ter van de wet van 27 juni 1969, d.w.z. hij moet geen inhoudingen toepassen t.a.v. zijn aannemer.

    • Moeten werken uitgevoerd in opdracht van een Belgische onderneming zonder ondernemingsnummer aangegeven worden?

      Ja. Werken in opdracht van een Belgische onderneming zonder Belgisch ondernemingsnummer moeten ook aangegeven worden door de aannemer. Deze aannemer moet de gegevens van de onderneming manueel invoeren.

    • Moeten onderaannemers zonder personeel gemeld worden?

      Ja. Als de onderaannemer werken uitvoert die onder het toepassingsgebied vallen, dan maakt het niet uit of hij al dan niet personeel tewerkstelt dat onderworpen is aan de sociale zekerheid.