Uw browser laat geen javascript toe. Om die reden zijn bepaalde functionaliteiten niet voorhanden.
Algemene info

Over de inhoudingsplicht

Op de website zijn de gegevens beschikbaar van de ondernemingen die als actief werkgever geïdentificeerd zijn bij de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid of waarvan de identificatie niet geschrapt werd sinds meer dan 2 jaar. Het gaat hier speciefiek om ondernemingen die actief zijn in het toepassingsgebied van de artikelen 30bis en 30ter, en/of om ondernemingen geïdentificeerd als aannemer of onderaannemer op een aangifte van werken die behoren tot het toepassingsgebied van de artikelen 30bis en 30ter. Onder artikel 30bis verstaan we de activiteiten bedoeld in artikel 20, § 2 van het koninklijk besluit nr. 1 van 28 december 1992 met betrekking tot maatregelen om de betaling van de BTW te verzekeren. Onder artikel 30ter verstaan we werken/diensten die in het koninklijk besluit van 7 november 1983 houdende oprichting van het Paritair Comité voor de bewakings- en/of toezichtsdiensten worden beschreven, en ook bepaalde activiteiten van de vleessector.

Ook beschikbaar op deze website zijn de gegevens over ondernemingen die niet als actief werkgever zijn geïdentificeerd bij de RSZ, maar die over een ondernemingsnummer beschikken en onderworpen zijn aan de inhoudingsplicht als gevolg van een schuld in verband met hoofdelijke aansprakelijkheid.

Het bericht "geen gegevens 30bis of 30terbeschikbaar" geeft aan dat er inlichtingen gevraagd zijn over een onderneming die niet beantwoordt aan de hierboven vermelde criteria.

Terminologie

Opdrachtgever:

Iedereen die de opdracht geeft om tegen een prijs werken uit te voeren of te laten uitvoeren.

Aannemer:

  • Iedereen die er zich toe verbindt om tegen een prijs voor een opdrachtgever (bouwheer) werken uit te voeren of te laten uitvoeren, en
  • iedere onderaannemer ten overstaan van de onderaannemers die na hem komen.

De elementen waarmee rekening gehouden wordt om te bepalen of de inhouding moet toegepast worden.

De opdrachtgevers of de aannemers zijn verplicht bij een betaling 35% van het bedrag van de factuur zonder BTW in te houden en door te storten aan de RSZ, wanneer zij een betaling uitvoeren voor het geheel of een gedeelte van werken, die bedoeld zijn in artikel 30bis of 30ter, aan een aannemer/onderaannemer die op het ogenblik van de betaling sociale schulden heeft.

Er zijn "sociale schulden" wanneer:

  • ten aanzien van de RSZ
    • de onderneming niet alle vereiste aangiften, tot en met deze met betrekking tot het voorlaatste afgelopen kwartaal, heeft ingediend. (30bis en 30ter)
      en / of
    • de onderneming aan de RSZ een bedrag van meer dan 2.500,00 euro, verschuldigd is in verband met bijdragen, opslagen, forfaitaire vergoedingen, verwijlintresten of gerechtskosten. (30Bis en 30Ter)
      en / of
    • de werkgever, die ressorteert onder de bevoegdheid van het paritair comité van het Bouwbedrijf (PC 124), de voorschotten, voorzien in artikel 34bis, § 1 en 2 van het koninklijk besluit van 28 november 1969, niet correct betaald heeft.
      en / of
    • de onderneming (al dan niet geïdentificeerd bij de RSZ als werkgever) die hoofdelijk aansprakelijk gesteld werd in toepassing van § 3 en 4 van artikel 30bis of § 2 en 4 van artikel 30ter en die de gevorderde bedragen niet betaald heeft binnen de 30 dagen na het verzenden van een aangetekende ingebrekestelling. (30bis en 30ter)
  • ten aanzien van het PDOK (Fonds voor Bestaanszekerheid van de werklieden in het Bouwbedrijf) (art. 30bis – bouwbedrijf)
    • de onderneming die ressorteert onder de bevoegdheid van het Paritair Comité van het bouwbedrijf (PC 124) en
    • waarvoor niet alle gegevens met betrekking tot de brutovergoedingen van de werknemers tot en met het voorlaatste vervallen kwartaal in het bezit zijn van de Patronale Dienst voor Organisatie en Controle van de Bestaanszekerheidsstelsels (PDOK)
      en/of
    • die debiteur is en voor meer dan 70,00 euro aan bijdragen verschuldigd is in het stelsel van weerverlet- en getrouwheidsregels.
  • ten aanzien van het Fonds voor bestaanszekerheid voor de bewakingsdiensten (FBZB) (30ter – bewakingsdiensten
    • de onderneming die ressorteert onder de bevoegdheid van het Paritair Comité voor de bewakings- en/of toezichtsdiensten (PC 317) en
    • voor dewelke niet alle gegevens met betrekking tot de brutovergoedingen van de werknemers tot en met het voorlaatste vervallen kwartaal in het bezit zijn van het FBZB
      en/of
    • die meer dan 900,00 euro aan bijdragen verschuldigd is aan het FBZB.

Vrijstelling van inhoudingen op facturen

Indien de onderneming voor de sociale schulden, zoals ze hierboven gedefinieerd zijn, uitstel van betaling gekregen heeft zonder gerechtelijke procedure of bij een in kracht van gewijsde gegane rechterlijke beslissing waarvan zij de opgelegde termijnen strikt naleeft, is zij vrijgesteld van de inhoudingsplicht ten aanzien van de facturen die zij aanbiedt voor de uitvoering van werken die behoren tot het toepassingsgebied van artikel 30bis en 30ter.

Hoofdelijke aansprakelijkheid

De programmawet van 29 maart 2012 (BS 6 april 2012) heeft de subsidiaire ketenaansprakelijkheid (her)ingevoerd. Deze is voorzien in art. 30ter, bekendgemaakt in dezelfde programmawet.

Praktisch gezien houdt dit het volgende in :

  1. wanneer de volgende 3 voorwaarden vervuld zijn:
    1. op het ogenblik van de sluiting van het contract heeft de onderaannemer sociale schulden (m.a.w. is onderworpen aan inhoudingsplicht);
    2. ook op het ogenblik van de betaling van de factuur door de medecontractant heeft de onderaannemer sociale schulden (m.a.w. is onderworpen aan inhoudingsplicht);
    3. de medecontractant laat na om de inhouding toe te passen op de factuur en deze door te storten aan de RSZ;
  2. wordt in de eerste plaats de rechtstreekse hoofdelijke aansprakelijkheid (tussen de twee medecontractanten) toegepast;
  3. indien het gevorderde bedrag van de hoofdelijke aansprakelijkheid niet betaald wordt, zal de medecontractant die het bedrag van de hoofdelijke aansprakelijkheid verschuldigd is, onderworpen worden aan de inhoudingsplicht op basis van deze schuld;
  4. wanneer het verschuldigde bedrag niet aangezuiverd wordt door de aldus georganiseerde inhouding op de factuur, kan de RSZ zijn toevlucht nemen tot de subsidiaire hoofdelijke aansprakelijkheid; m.a.w. opklimmen in de keten van medecontractanten.

De punten a), b) en c) waren in de versie van artikel 30bis van kracht vanaf 1 januari 2008 tot 5 april 2012.
Het punt d) werd aan de tekst van 6 april 2012 voor art. 30bis toegevoegd en is opgenomen in art. 30ter.