Mandataris

Vermoeden van uitoefening zelfstandige beroepsactiviteit

Onder twee voorwaarden vermoedt de overheid dat je als mandataris een zelfstandige beroepsbezigheid uitoefent:

  • je bent een natuurlijke persoon, en
  • je oefent, al dan niet aangesteld, een mandaat uit in een vennootschap of vereniging die zich met een exploitatie of met verrichtingen van winstgevende aard bezighoudt.

In die situatie ben je verplicht je te verzekeren in het sociaal statuut van de zelfstandigen.

Vermoeden weerleggen met bewijs kosteloosheid mandaat

Je kan dit vermoeden weerleggen door de kosteloosheid van jouw mandaat aan te tonen. Kosteloosheid wil zeggen dat er in feite geen bezoldiging wordt toegekend en dat er in rechte geen bezoldiging kan toegekend worden.

Kosteloosheid in rechte bewijst u met de statuten van de vennootschap of vereniging. Bij gebrek aan statutaire bepaling kan een beslissing van het bevoegde orgaan dat de kosteloosheid van het mandaat voor de toekomst vastlegt als bewijs gelden. Dit bewijs blijkt uit:

  • publicatie in de bijlagen bij het Belgisch Staatsblad, of
  • de mededeling aan het socialeverzekeringsfonds of het RSVZ van de statutaire bepaling of de beslissing van het bevoegd orgaan.

Bewijs van de kosteloosheid in feite gebeurt met alle rechtsmiddelen behalve een getuigenis.

Het bewijs van de kosteloosheid van het mandaat kan niet aanvaard worden wanneer:

  • er inkomsten uit voortvloeien, of
  • de vereniging of vennootschap bijdragen of premies stort voor de opbouw van een aanvullend pensioen van de mandataris.

Bewijs kosteloosheid in rechte: beperkt retroactieve werking

Het bewijs van de kosteloosheid van het mandaat in rechte kan niet verder teruggaan dan 12 maanden voorafgaand aan de maand van de publicatie in de bijlagen bij het Belgisch Staatsblad, of aan de maand van de mededeling aan het socialeverzekeringsfonds of het RSVZ.

Gepensioneerd? Bewijs kosteloosheid in feite volstaat

Als gepensioneerde mandataris hoef je enkel het bewijs van de kosteloosheid in feite te leveren om buiten het toepassingsgebied van het zelfstandigenstelsel te vallen.