Aanvullende vakantie voor arbeiders en leerling-arbeiders

Aanvullende vakantie: waarover gaat het?

Als je dit jaar werkt en je hebt vorig jaar niet gewerkt, dan heb je geen recht op gewone vakantie. Ook als je je arbeidsduur in de loop van het jaar verhoogde, heb je geen recht op een volledige gewone vakantie (4 weken). Het systeem van aanvullende vakantie laat toe dergelijke situaties te verhelpen en biedt je de mogelijkheid om ‘aanvullend’ vakantie te nemen.

Opgelet: het gaat om een recht, niet om een verplichting.

Voorwaarden om van aanvullende vakantie te kunnen genieten

Om recht te hebben op aanvullende vakantie, moet je de volgende 3 voorwaarden vervullen:

  1. Je moet je in één van de volgende situaties bevinden:
    • Je start een activiteit, of
    • Je herneemt een activiteit na een periode van inactiviteit, of
    • Indien je een deeltijdse werknemer bent,
      • ga je over naar een voltijdse functie gedurende het jaar waarin je vakantie neemt, of
      • verhoogde je je arbeidsduur en heb je minstens 4 dagen te kort om 4 weken gewone vakantie te bereiken;
  2. Je moet een activiteit uitgeoefend hebben gedurende een minimale periode van 3 maanden (90 kalenderdagen), ‘aanloopperiode’ genaamd;
  3. Je moet je dagen gewone vakantie uitgeput hebben.

Voor meer informatie over de aanloopperiode (berekening, bijzondere voorwaarden), bezoek je de website van de Rijksdienst voor Jaarlijkse Vakantie (RJV). Je vindt er ook voorbeelden van concrete situaties die recht geven op aanvullende vakantie.

Hoe aanvragen?

Je kan enkel van aanvullende vakantie genieten als je nog steeds in actieve dienst bent en als je hiervoor een aanvraag indient.

Wil je graag een aanvraag tot aanvullende vakantie indienen, wend je dan tot de website van de RJV voor meer informatie.

Berekening van de duur van de aanvullende vakantie

De berekening van de duur van je aanvullende vakantie gebeurt op basis van:

  • de dagen waarop je gewerkt hebt, en
  • de inactiviteitsdagen (de dagen waarop je niet gewerkt hebt) gelijkgesteld met ( beschouwd als) werkelijk gewerkte dagen.

Bekijk de verschillende categorieën van inactiviteitsdagen die gelijkgesteld kunnen worden met werkelijk gewerkte dagen op de website van de RJV.

Je vindt er ook praktische voorbeelden bij de berekening van de duur van de aanvullende vakantie

Wanneer genieten van aanvullende vakantie?

Je kan je aanvullende vakantie ten vroegste nemen vanaf de laatste week van de aanloopperiode en nadat je je dagen gewone vakantie hebt uitgeput.

Je kan ze ten laatste op 31 december van het betrokken jaar nemen.

Vakantiegeld bij aanvullende vakantie

Het aanvullend vakantiegeld dat je ontvangt wanneer je aanvullende vakantie neemt is een voorschot op vakantiegeld bij de gewone vakantie van het volgende jaar.