Familie en handicap

Personen met een handicap komen, onder bepaalde voorwaarden, in aanmerking voor specifieke tegemoetkomingen. Een van de voorwaarden is dat hun handicap erkend wordt. Een arts kent die voor bepaalde of onbepaalde duur toe, naargelang de gezondheidssituatie van de persoon evolueert. Vanaf 21 jaar onderzoekt de arts ook de moeilijkheden om te werken.

Kinderen met een handicap geven recht op bijkomende kinderbijslag. Hun ouders ontvangen een extra premie bovenop de gewone kinderbijslag tot het kind 21 jaar wordt. Je vraagt de bijkomende kinderbijslag bij je kinderbijslagfonds aan. Vanaf 21 tot 25 jaar komen studerende kinderen enkel nog in aanmerking voor gewone kinderbijslag.

Wanneer een ouder omwille van de eigen handicap een tegemoetkoming krijgt, dan komt zijn/haar kind ook in aanmerking extra kinderbijslag. Naast de tegemoetkoming wordt naar het inkomen van het gezin gekeken. Ligt dit te hoog, dan verlies het gezin zijn recht op de extra premie.

Ben je door je handicap sterk beperkt in je mobiliteit? Dan kan je een parkeerkaart voor personen met een handicap aanvragen. Je kunt je auto dan op aangepaste, ruime plaatsen parkeren.

Zoek je meer info over de steunmaatregelen voor personen met een handicap? Raadpleeg het thema ‘Handicap en invaliditeit'.