België - EU/EER en Zwitserland : Verordeningen (EEG) nrs. 883/2004 en 987/2009 betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels - algemeen

 

U verlaat België om zich te vestigen in Bulgarije, Cyprus, Kroatië, Denemarken, Duitsland, Estland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Groot-Brittannië, Hongarije, Ierland, IJsland, Italië, Letland, Liechtenstein, Litouwen, Luxemburg, Malta, Nederland, Noorwegen, Oostenrijk, Polen, Portugal, Roemenië, Slovenië, Slowakije, Spanje, de Tsjechische Republiek, Zweden of Zwitserland of U verlaat één van deze landen om zich in België te vestigen.

Alvorens te vertrekken, moet u zich bij de bevoegde instellingen informeren over de formaliteiten die u dient te vervullen om uw socialezekerheidsprestaties te behouden of om socialezekerheidsprestaties te ontvangen.

België past Verordeningen (EEG) nrs. 883/2004 en 987/2009 betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels toe. Deze verordeningen regelen de toepassing van nationale socialezekerheidswetgevingen van alle landen van de Europese Unie, alsook voor migraties van of naar IJsland, Liechtenstein, Noorwegen en Zwitserland.

De Verordeningen (EEG) nrs. 883/2004 en 987/2009 betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels zijn van toepassing op werknemers, zelfstandigen, ambtenaren en studenten.

Indien u in één van de landen van de Europese Unie, in Ijsland, Liechtenstein, Noorwegen of Zwitserland gaat werken, zal in principe de socialezekerheidswetgeving van dat land voor u van toepassing zijn, behoudens een aantal uitzonderingen die in de verordeningen zijn opgenomen, zoals in het geval van detachering.

Behoudens een aantal uitzonderingen die zijn opgenomen in de verordeningen, zoals bij detacheringen, zal de Belgische socialezekerheidswetgeving op u van toepassing zijn wanneer u in België komt werken.

De verordeningen zijn van toepassing onder bepaalde voorwaarden, met name:

  1. U moet zich in principe legaal op het grondgebeid van één van de landen van de EU, de EER of Zwitserland bevinden.
  2. Voor sommige landen (Denemarken, Zwitserland, IJsland, Noorwegen en Liechtenstein) moet u de nationaliteit hebben van één van de landen van de EU, de EER of Zwitserland of erkend zijn als vluchteling of staatloze.
  3. De Europese verordeningen waarborgen dat
  • u in het andere land dezelfde rechten en plichten inzake sociale zekerheid zult hebben als een werknemer van dat land;
  • de tijdvakken van activiteit in beide landen zullen in aanmerking worden genomen om de rechten op socialezekerheidsprestaties te openen;
  • u onder bepaalde voorwaarden socialezekerheidsprestaties van Uw land van oorsprong zult kunnen ontvangen wanneer u in het andere land woont;
  • uw tijdvakken van activiteit in België en uw tijdvakken van activiteit in het andere land zullen worden samengeteld om de rechten te openen op de socialezekerheidsprestaties en om het bedrag ervan te berekenen, bijvoorbeeld voor de rustpensioenen.

De verordeningen bevatten toepassingsmodaliteiten voor de toekenning van de socialezekerheidsprestaties.
Het gaat over de volgende prestaties:

  • gezinsbijslag
  • geneeskundige verstrekkingen
  • ziekte-uitkeringen (met inbegrip van moederschap en vaderschap)
  • invaliditeitsprestaties
  • prestaties inzake arbeidsongevallen
  • prestaties inzake beroepsziekten
  • werkloosheidsprestaties
  • rustpensioenen
  • overlevingspensioenen.

U vindt meer informatie op "informatie zoeken", waarbij u de criteria selecteert die voor u van toepassing zijn.

Om de tekst van Verordening (EEG) nr. 883/2004 van de Europese Unie en de tekst van Verordening (EEG) nr. 987/2009 van de Europese Unie te raadplegen.