Rollen van het financieel element
Een financieel element wordt weergegeven door een code, een rol en een bedrag.
De mogelijke rollen
- bedrag dat effectief deel uitmaakt van het brutobedrag onderworpen aan RSZ-inhoudingen
- bedrag dat fictief deel uitmaakt van het brutobedrag onderworpen aan RSZ-inhoudingen
- RSZ-werknemersinhouding
- vermindering van een RSZ-werknemersinhouding
- positieve beweging op het bruto belastbare bedrag
- negatieve beweging op het bruto belastbare bedrag
- fiscale inhouding
- vermindering van een fiscale inhouding
- positieve beweging op het nettobedrag
- negatieve beweging op het nettobedrag
- mededeling
De rol bepaalt het subtotaal of de subtotalen binnen de loonberekening waartoe het financiële element in kwestie behoort. Het is een element dat bijdraagt tot de uiteindelijke berekening van de toegekende bedragen. Volgend schema geeft een overzicht van de rollen en de respectievelijke subtotalen:
|
A |
bedrag dat effectief deel uitmaakt van het brutobedrag onderworpen aan RSZ-inhoudingen (bijv. loon, premies, ..) |
|
B |
bedrag dat fictief deel uitmaakt van het brutobedrag onderworpen aan RSZ-inhoudingen |
|
C |
BRUTOBEDRAG (= A + B) |
|
D |
RSZ-werknemersinhoudingen |
|
E |
Verminderingen van RSZ-werknemersinhoudingen |
|
F |
Positieve beweging op bruto belastbaar bedrag |
|
G |
Negatieve beweging op bruto belastbaar bedrag |
|
H |
BRUTO BELASTBAAR BEDRAG (= C – D + E + F – G) |
|
I |
Fiscale inhoudingen |
|
J |
Verminderingen van fiscale inhoudingen |
|
K |
NETTOBEDRAG (= H – I + J) |
|
L |
Positieve beweging op nettobedrag |
|
M |
Negatieve beweging op nettobedrag |
|
N |
TOEGEKENDE BEDRAG (= K + L – M) |
|
O |
Mededeling |
Elk financieel element heeft steeds een rol. De loonberekening is zoals een cascade van elementen waarbij de initiële elementen automatisch tot de daarop volgende (sub)totalen behoren. Elk financieel element wordt in de loonberekening afhankelijk van zijn rol in de cascade ingevoegd. De cascade is dus als volgt:
- bruto bedrag onderworpen aan RSZ
- bruto belastbaar bedrag
- nettobedrag
- toegekend bedrag
- nettobedrag
- bruto belastbaar bedrag
Voorbeeld:
Loon wordt vermeld met de rol 'bedrag dat effectief deel uitmaakt van het brutobedrag onderworpen aan RSZ-inhoudingen'. Dit loon draagt bij aan de berekening van 'het brutobedrag onderworpen aan RSZ', het 'bruto belastbaar bedrag', het 'nettobedrag' en het 'toegekende bedrag'.
Het voordeel alle aard voortvloeiend uit het gebruik van een ter beschikking gestelde bedrijfswagen wordt ingevoegd in de cascade na het 'bruto bedrag onderworpen aan RSZ' en voor het 'bruto belastbaar bedrag'.
Voorbeeld met fictieve gegevens:
|
Financieel element |
Bedrag in EUR | Rol | |
|---|---|---|---|
| Loon | 3.000,00 | A | bedrag dat effectief deel uitmaakt van het brutobedrag onderworpen aan RSZ-inhoudingen |
| Premie | 500,00 | A | bedrag dat effectief deel uitmaakt van het brutobedrag onderworpen aan RSZ-inhoudingen |
| Bruto |
3.500,00 |
C | - |
| RSZ-werknemersbijdrage | 457,45 | D | RSZ-werknemersinhouding |
| Bruto belastbaar | 3.042,55 (= 3.500 – 457,45) |
H | - |
| Bedrijfsvoorheffing | 1.100,00 | I | Fiscale inhouding |
| Bijzondere bijdrage voor de financiering van de sociale zekerheid | 60,00 | I | Fiscale inhouding |
| Netto | 1.882,55 (= 3.042,55 – 1.100,00 – 60,00) |
K | - |
| Werknemersaandeel maaltijdcheques | 19,62 | M | Negatieve beweging op nettobedrag |
| Vergoeding internetabonnement | 20,00 | L | Positieve beweging op nettobedrag |
| Toegekende bedrag | 1.882,93 (= 1.882,55 – 19,62 + 20,00) |
N | - |
Meerdere rollen
Een financieel element kan verschillende rollen hebben binnen eenzelfde loonberekening:
Voorbeeld 1
Een voordeel in natura wordt forfaitair gewaardeerd. De RSZ en de fiscus hanteren hetzelfde forfait (bijv. 4,00 EUR). Dit financieel element wordt vermeld met de rol 'fictief bedrag dat deel uitmaakt van brutobedrag onderworpen aan RSZ-inhoudingen', aangezien het forfait deel uit maakt van het brutobedrag en het bruto belastbaar bedrag.
Het forfait wordt echter niet werkelijk uitbetaald aan de persoon, de persoon in kwestie geniet van het voordeel in natura. Het forfait heeft bijgevolg een tweede rol: een negatieve beweging op het netto.
- Blok #1
- Code = X
- Bedrag = 4,00 EUR
- Rollen =
- (B) bedrag dat fictief deel uitmaakt van het brutobedrag onderworpen aan RSZ-inhoudingen
- (M) + negatieve beweging op het nettobedrag
Voorbeeld 2
Een voordeel in natura wordt forfaitair gewaardeerd. De RSZ en de fiscus hanteren een verschillend forfait (bijv. 4,00 EUR en 5,67 EUR). Dit kan op twee verschillende manieren worden behandeld.
- Methode #1 waarbij wordt gerekend met de twee afzonderlijke forfaits:
- Blok #1 met RSZ-forfait
- Code = X
- Bedrag = 4,00 EUR
- Rollen =
- (B) bedrag dat fictief deel uitmaakt van het brutobedrag onderworpen aan RSZ-inhoudingen
- (G) + negatieve beweging op het bruto belastbaar bedrag
- Blok #2 met fiscale forfait
- Code = X
- Bedrag = 5,67 EUR
- Rollen =
- (F) positieve beweging op bruto belastbaar bedrag
- (M) + negatieve beweging op het nettobedrag
- Blok #1 met RSZ-forfait
- Methode #2 waarbij wordt gerekend met het verschil tussen de twee forfaits:
- Blok #1 met RSZ-forfait
- Code = X
- Bedrag = 4,00 EUR
- Rollen =
- (B) bedrag dat fictief deel uitmaakt van het brutobedrag onderworpen aan RSZ-inhoudingen
- (M) + negatieve beweging op het nettobedrag
- Blok #2 met fiscale forfait
- Code = X
- Bedrag = 1,67 EUR (= verschil tussen het RSZ-forfait en het fiscale forfait = 5,67 EUR - 4,00 EUR)
- Rollen =
- (F) positieve beweging op bruto belastbaar bedrag
- (M) + negatieve beweging op het nettobedrag
- Blok #1 met RSZ-forfait