Het portaal van de sociale zekerheid gebruikt cookies om de site gebruiksvriendelijker te maken.

Meer weten × Doorgaan

Naar de inhoud van deze pagina

Minimale bijdrage statutair pensioen 38% nieuwe federale statutairen

Deze bijzondere bijdrage is van toepassing op nieuwe statutaire personeelsleden die vanaf 1 juni 2026 in dienst zijn getreden bij federale diensten en instellingen (inclusief HR-Rail, Proximus, Skeyes en Bpost) en een rustpensioen ontvangen ten laste van de staatskas of van het pensioenfonds van de federale politie. 

Voor statutaire personeelsleden die reeds in dienst waren voor 1 juni 2026, wijzigt er niets en blijven de vroegere bijdragen gelden.

Federale diensten en instellingen binnen toepassingsgebied

  • de federale wetgevende vergaderingen en de daarmee verband houdende diensten en instellingen;
  • de diensten en instellingen behorend tot het administratief openbaar ambt zoals gedefinieerd in artikel 1 van de wet van 22 juli 1993 houdende bepaalde maatregelen inzake ambtenarenzaken;
  • het Ministerie van Defensie;
  • de hiervoor nog niet bedoelde instellingen van openbaar nut en openbare instellingen onderworpen aan het toezicht van de federale overheid;
  • de instellingen bedoeld in de wet van 21 maart 1991 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven;
  • de hoven en rechtbanken;
  • de Hoge Raad voor de Justitie;
  • de Raad van State en de andere federale administratieve rechtscolleges;
  • het Grondwettelijk Hof;
  • de Federale Overheidsdienst Justitie voor de bedienaars van erkende erediensten en de lekenraadgevers van wie de wedde wordt gedragen door deze dienst;
  • de federale politie. 

Deze regeling is niet van toepassing op:

  • de diensten van de Gemeenschappen en de Gewesten en de instellingen die afhangen van de Gemeenschappen of de Gewesten;
  • alle instellingen die aangesloten zijn bij de pool der parastatalen;
  • lokale besturen
  • het Bestuur van de Koninklijke Schenking.

Nieuwe statutairen binnen toepassingsgebied

Worden als 'nieuwe statutairen' beschouwd

  • Statutairen die voorheen nog niet werkzaam waren bij de federale overheid en die na 31 mei 2026 als statutair personeelslid bij een federale dienst of instelling in dienst treden;
    • ook personen die na 31 mei 2026 bij een federale dienst of instelling een stage aanvatten met het oog op een vaste benoeming worden als nieuwe statutairen gezien; de begindatum van de stageperiode is bepalend; stagiairs worden in de DmfA met hetzelfde werknemerskengetal aangegeven als statutairen;
  • Personen die een mandaat opnemen dat inzake pensioenen met een vaste benoeming wordt gelijkgesteld; deze worden aangegeven met dezelfde werknemerskengetallen als de gewone statutairen;
  • Personeelsleden die via het systeem van interfederale mobiliteit overgedragen worden van een gewestelijke of gemeenschapsdienst of -instelling naar een federale dienst of instelling;
  • Contractuele personeelsleden van een federale dienst of instelling die na 31 mei 2026 een statutaire benoeming verkrijgen.

Vallen niet onder de maatregel

  • Copernicus-managers
    • zij  ontvangen van de pensioendienst een complement bovenop hun werknemerspensioen (er worden verhoogde pensioenrechten toegekend voor hun mandaatperiode); het betreft geen ambtenarenpensioen, dus uitgesloten van de maatregel
    • het gaat om personen die als volgt worden aangegeven:
      • werknemerskengetal 673 met pensioenbijdrage 816;
      • werknemerskengetal 495 met statuutcode 'MA' bij RTBF (werkgeverscategorie 351) met pensioenbijdrage 816.
  • statutairen die reeds op 31 mei 2026 tewerkgesteld zijn binnen een federale dienst of instelling en die via mobiliteit of op enige andere wijze als statutair overgaan naar een andere federale dienst of instelling, op voorwaarde dat hun tewerkstelling ononderbroken wordt voortgezet
    • hetzelfde geldt voor personeelsleden die reeds op 31 mei 2026 vast zijn benoemd bij een federale parastatale instelling die aangesloten is bij Pool der parastatalen en via het systeem van de mobiliteit als vast benoemd personeelslid overgaan naar een federale dienst of instelling
      • bijvoorbeeld een statutair bij FOD Justitie die via mobiliteit naar de FOD Financiën of naar de federale politie overgaat;
      • bijvoorbeeld een statutair bij de RSZ die via mobiliteit naar de FOD Sociale zekerheid gaat.
    • het is aan de werkgever om te beoordelen of het gaat om een 'nieuwe statutair' of om een 'overgang'. Zijn begrepen als 'overgang':
      • de overgang via federale mobiliteit
      • de overgang op 'enige andere wijze'
        • via een aanwerving, indien er sprake is van een ononderbroken tewerkstelling
          • dit geldt ook voor iemand die via een verlof voor stage overgaat
        • via andere mechanismen die bij de werkgever een verplichting leggen om een statutair die ontslag neemt of krijgt opnieuw in dienst te nemen binnen een bepaalde periode, bijvoorbeeld:
          • een statutair wordt tijdelijk medisch gepensioneerd (verbreking statutaire band en opname in pensioenkadaster) maar keert terug naar de werkvloer;
          • een statutair bij de federale politie neemt ontslag maar heeft het recht om binnen vier jaar terug te keren
          • In beide gevallen heeft de werkgever geen keuze en kan hij dus niet kiezen voor een contractuele werving en is de bijdrage nieuwe statutairen – die een responsabilisering van de werkgevers beoogt ten voordele van contractuele werving – niet verschuldigd.

De bijzondere bijdrage

De bijdrage wordt berekend op de baremieke wedden en op de andere bezoldigingselementen die in aanmerking worden genomen voor de berekening van het rustpensioen.

De regeling voorziet in een progressief stijgende minimale werkgeversbijdrage voor het overheidspensioen. Voor alle betrokken statutairen die vanaf 1 juni 2026 in dienst zijn getreden, is deze bijdrage verschuldigd vanaf 1 juli 2026 en stijgt zij geleidelijk volgens de vastgelegde percentages. Voor een statutair die dus in juni 2026 in dienst is getreden, zal het verschuldigde minimale bijdragepercentage vanaf 1 juli 2026 geleidelijk stijgen van 9,50% tot 38,00%. 

Werkgevers die reeds een hogere pensioenbijdrage betalen, blijven deze hogere bijdrage verschuldigd zolang deze bijdrage meer bedraagt dan het minimum dat geldt binnen een bepaalde periode. Voor hen blijven de vroegere bijdragen gelden.

Minimumbijdragepercentage per periode:

  • Vanaf 1/7/2026: 9,50%
  • Vanaf 1/1/2027: 19,00%
  • Vanaf 1/1/2028: 28,50%
  • Vanaf 1/1/2029: 38,00%

Bijkomende informatie 1

Bijkomende informatie DmfA - aangifte nieuwe statutairen in dienst vanaf 1 juni 2026

In DmfA wordt de bijdrage voor het pensioen van de statutaire ambtenaren aangegeven per werknemerslijn in het blok 90001 "Bijdrage verschuldigd voor de werknemerslijn".

Vanaf 1 juni 2026 aangeworven nieuwe statutairen binnen toepassingsgebied worden als volgt aangegeven:

  • Aangifte met betrekking tot juni 2026:
    • Gebruik van de huidige werknemerskengetallen statutairen: 675 – 676;
    • Gekoppeld aan de huidige pensioenbijdrage 815 en de toepasselijke types.
  • Aangifte vanaf het 3de kwartaal 2026: 
    • Gebruik van de nieuwe werknemerskengetallen voor nieuwe statutairen: 678 – 679;
    • Gekoppeld aan de nieuwe pensioenbijdrage 813 met de toepasselijke types.

Bedienaars van de eredienst die niet mogen huwen (aangegeven met het werknemersstatuut MN) zijn vrijgesteld van de pensioenbijdrage voor statutaire ambtenaren.

Alle types van pensioenbijdrage 813 omvatten steeds zowel een persoonlijke als een werkgeversbijdrage.

De berekeningsbasis moet vermeld worden. De berekeningsbasis:

  • is voor de persoonlijke bijdrage steeds dezelfde als voor de werkgeversbijdrage;
  • stemt overeen met de som van de looncodes: 1, 2, 5, 51 en 67;

In uitzonderlijke gevallen wijkt de berekeningsbasis af en wordt ze dus niet op basis van looncodes bepaald:

a) De bijdrage wordt berekend op een afwijkende (lagere) berekeningsbasis:

  • Het gaat bijvoorbeeld om situaties waarbij het vast benoemde personeelslid minder dan 100 % van de wedde verbonden aan zijn statutaire functie geniet, ondanks het feit dat hij zich niet in één van de 'maatregelen tot reorganisatie van de arbeidstijd' bevindt. Het kan bv. gaan om een schorsing in het belang van de dienst met inhouding van wedde, verminderde prestaties wegens chronische ziekte, ...);
  • De zone 01176 "Bijdrage overheidspensioen voor statutaire werknemers - afwijkende berekeningsbasis" in blok 90313 "Tewerkstelling - Inlichtingen" moet waarde "1” bevatten.

b) De controle van de overheidspensioenbijdrage gebeurt o.b.v. de baremieke gegevens (en dus niet o.b.v. looncodes):

  • Het gaat bijvoorbeeld om situaties waarin de berekeningsbasis van de pensioenbijdrage hoger is dan de werkelijk uitbetaalde loonelementen onderworpen aan pensioenbijdragen: bv. een statutair personeelslid tewerkgesteld in de regeling van de (vrijwillige) vierdagenweek of de halftijdse vervroegde uittreding aangegeven met de code '7' in de zone “maatregel tot reorganisatie van de arbeidstijd”;
  • De zone 01176 "Bijdrage overheidspensioen voor statutaire werknemers - afwijkende berekeningsbasis" in blok 90313 "Tewerkstelling - Inlichtingen" moet waarde "2” bevatten.

Als de waarde ‘1’ of ‘2’ is ingevuld in de zone 01176 "Bijdrage overheidspensioen voor statutaire werknemers - afwijkende berekeningsbasis" en de aangifte wordt ingediend via de webtoepassing, dan moet de berekeningsbasis vermeld worden bij de verschuldigde bijdragen voor een betrokken persoon.