Overlijden van een gepensioneerde werknemer

Wat en voor wie?

Als langstlevende echtgenoot heb je de mogelijkheid een overlevingspensioen te krijgen. Dat wordt berekend op basis van de beroepsactiviteit van je overleden echtgenoot. De berekening van het overlevingspensioen kan echter verschillen van die van het rustpensioen.

De langstlevende echtgenoot moet aan bepaalde huwelijks- en leeftijdsvoorwaarden voldoen om het pensioen te krijgen. De leeftijdsvoorwaarde van minimum 45 jaar wordt tegen 2025 gradueel opgetrokken tot 50 jaar met telkens 6 maanden per jaar. En vanaf 2026 met telkens 1 jaar tot 55 jaar in 2030.

Je overlevingspensioen wordt niet altijd volledig uitbetaald wanneer je ook nog andere pensioenen hebt.

Wat is een overgangsuitkering?

Je hebt gedurende 12 maanden (zonder kinderlast) of 24 maanden (met kinderlast) recht op een overgangsuitkering als:

  • je niet voldoet aan de leeftijdsvoorwaarden voor een overlevingspensioen, of
  • je niet valt onder de uitzonderingen.

De overgangsuitkering wordt op dezelfde wijze berekend als het overlevingspensioen.

Deze overgangsuitkering mag je onbeperkt cumuleren met een inkomen uit arbeid en sociale vergoedingen.

Zodra je zelf met pensioen gaat, is het mogelijk dat je opnieuw aanspraak maakt op een overlevingspensioen.

Wijzigt mijn overlevingspensioen vanaf 2015?

Bovenstaande regeling is geldig vanaf 2015. Had je al een overlevingspensioen volgens de vroegere regeling? Dan blijf je dat behouden.