Afwijkingen in de kinderbijslagregeling

Achtergrond

De Algemene Kinderbijslagwet van 19 december 1939 en de wet van 20 juli 1971 tot instelling van gewaarborgde gezinsbijslag bepalen de wettelijke voorwaarden om gezinsbijslag te genieten. Uitzonderingen zijn mogelijk.

Algemene afwijkingen worden toegestaan voor groepen van sociaal behartigenswaardige gevallen. De bevoegde minister beslist op advies van het Beheerscomité van FAMIFED. De kinderbijslaginstellingen passen de algemene afwijkingen rechtstreeks toe. Voor een overzicht van de algemene afwijkingen, zie de ministeriële omzendbrief nr. 599 van 16 juni 2007.

Individuele afwijkingen kunnen toegekend worden wanneer je niet beantwoordt aan sommige wettelijke voorwaarden. Dit hangt af van je persoonlijke situatie.

Algemene kinderbijslagwet

Van deze voorwaarden kan worden afgeweken:

  • er moet een verwantschapsband zijn tussen de rechthebbende en het kind;
  • het kind moet opgevoed worden of lessen volgen in België;
  • is het kind een student, dan mag het maximaal 25 jaar oud zijn;
  • in het geval van detinering van een ouder moet het kind deel uitmaken van het gezin van de zelfstandige of werknemer op de dag waarop deze zelfstandige of werknemer van zijn vrijheid is beroofd. De detinering moet plaats hebben in België;
  • de werknemer of zelfstandige vervult de voorwaarden om zes maanden rechthebbende te zijn op kinderbijslag (in het raam van wezenbijslag, kinderbijslag uit hoofde van gepensioneerde, gedetineerde…);
  • de voorrang onder de rechthebbenden;
  • voor het recht op een adoptiepremie moet de adoptant of zijn echtgenoot de voorwaarden vervullen om het recht op kinderbijslag te openen terwijl het kind de voorwaarden vervult om rechtgevend te zijn op kinderbijslag;
  • het recht op kraamgeld is afhankelijk van het recht op kinderbijslag;

voor het recht op een adoptiepremie moet de adoptant en het kind de voorwaarden vervullen om het recht op kinderbijslag te openen.

Gewaarborgde gezinsbijslag

Voorwaarden waarvan kan worden afgeweken:

  • De verblijfsvoorwaarde in hoofde van de persoon die het kind ten laste heeft en in hoofde van het kind bedraagt 5 jaar.
  • Voor de toekenning van het kraamgeld mag het kind niet geplaatst zijn ten laste van een openbare overheid.

Hoe vraag ik een afwijking aan?

De aanvragen tot individuele afwijking worden door het betrokken gezin, door de kinderbijslaginstellingen of door andere (sociale) instellingen ingediend bij:

FOD Sociale Zekerheid

Directie-generaal Sociaal Beleid

Cel Kinderbijslag

Administratief Centrum Kruidtuin

Finance Tower

Kruidtuinlaan 50, bus 115

1000 Brussel.

 

De beoordeling van de sociale behartigenswaardigheid is een discretionaire bevoegdheid, waarbij uitgangspunten worden gehanteerd die met de Beleidscellen van de bevoegde Minister(s) zijn overeengekomen. Elke concrete situatie wordt individueel getoetst. Naargelang de soort van individuele afwijkingsaanvraag krijg je een specifieke vragenlijst (bijlagen) toegestuurd. De beslissing wordt tegelijk aan de aanvrager en de bevoegde kinderbijslaginstelling bezorgd.

Het inkomen van de gezinscel (de bijslagtrekkende of de persoon die de kinderbijslag ontvangt, en de eventuele partner via huwelijk, wettelijke samenwoning of feitelijke samenwoning) wordt ook onderzocht. Dit inkomen is gebaseerd op de meest recente netto-belastbare inkomensgegevens van deze gezinscel die beschikbaar zijn bij de FOD Financiën.